Está en la página 1de 83

Financile rapportering

De geconsolideerde jaarrekening Deel consolidatiemethoden

Academiejaar 2010-2011

Prof. A. Clybouw

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
1

DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING DEEL 1 - CONSOLIDATIEMETHODEN

INLEIDING

In het bedrijfsleven komt het vaak voor dat tussen meerdere ondernemingen een affiliatieverband bestaat. In de praktijk spreekt men dan van een groep. Voor de beoordeling van een groep die als een economische eenheid kan worden beschouwd, geven de enkelvoudige jaarrekeningen van de afzonderlijke ondernemingen dikwijls onvoldoende inzicht in de solvabiliteit, liquiditeit en rentabiliteit. Men kan dit inzicht verhogen door het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening. Hierin wordt de groep voorgesteld alsof het om n enkele grote onderneming gaat, alsof de activiteit van het geheel wordt uitgeoefend door middel van bijkantoren of afdelingen, eerder dan via dochterondernemingen met afzonderlijke rechtspersoonlijkheid. De geconsolideerde jaarrekening geeft een beter economisch beeld van de groep dan het geheel van de individuele statutaire jaarrekeningen. In de geconsolideerde jaarrekening wordt de historische aanschaffingswaarde van de deelneming vervangen door de totaliteit der activa, passiva en resultaten van de deelneming, met toepassing van een aantal correcties. De aanschaffingswaarde van een deelneming wijkt meestal af van de intrinsieke waarde op de datum van verwerving. Dit verschil wordt bij de consolidatie naar oorzaak geanalyseerd en toegerekend. Het niet toerekenbaar verschil wordt als eerste consolidatieverschil, goodwill (positief) of badwill (negatief), geboekt; Alhoewel de geconsolideerde rekeningen veel voordelen bieden, mogen we niet uit het oog verliezen dat consolidatie niet altijd tot een beter inzicht leidt. Een aantal beperkingen van de enkelvoudige jaarrekening blijven ook hier bestaan. Zo worden alleen activiteiten geregistreerd voor zover die in cijfers uitgedrukt kunnen worden (toepassing concept uitdrukking in geldwaarde). Budgetten en nietfinancile informatie worden niet opgenomen in de enkelvoudige, en ook niet in de geconsolideerde jaarrekening. In het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening kunnen zelfs een aantal gevaren schuilen. Bij gediversifieerde ondernemingen telt men dikwijls onvergelijkbare posten bij elkaar op. Ook kunnen negatieve resultaten van bepaalde onderdelen van het concern versluierd worden. Bij de beoordeling van de kredietwaardigheid dient er steeds vanuit gegaan te worden dat als schuldeiser men enkel contractuele verhoudingen heeft met de n enkele onderneming maar niet met de groep als geheel. In dit deel van de cursus worden volgende punten behandeld: De basisregels van de consolidatietechniek De Belgische wetgeving op de geconsolideerde jaarrekening IAS/IFRS Elk van deze delen maakt het voorwerp uit van een afzonderlijke syllabus.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
2

2 2.1

BEGRIPPEN Controlebevoegheid

Essentieel in de definitie van een groep. Een onderneming dient een geconsolideerde jaarrekening op te stellen indien zij n of meerdere andere ondernemingen controleert. Controle is de bevoegdheid om het financile en operationele beleid van een andere onderneming te sturen zodat voordeel kan gehaald worden uit de activiteiten van die andere onderneming. Zulks kan gerealiseerd worden: door bezit van meer dan de helft van de aandelen door overeenkomsten door de bevoegdheid om de meerderheid van de bestuurders te benoemen.

2.2 2.2.1

Rechtstreekse versus onrechtstreekse controle De rechtstreekse deelneming

Dit is de meest eenvoudige vorm van deelneming. Schematisch kunnen we deze als volgt weergeven:

A 70 % B A bezit 70 % van de aandelen uitgegeven door B. 2.2.2 De onrechtstreekse deelneming

Dit soort deelneming ontstaat, indien een onderneming een deelneming bezit in een andere onderneming via haar dochteronderneming. Schematisch wordt dit:

A 70 % B 55 % C A bezit 70 % van de aandelen uitgegeven door B en B bezit 55 % van de aandelen uitgegeven door B. De controle van A in C is indirect omdat hij verloopt via vennootschap B.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
3

2.3

Controlepercentage vs. Belangenpercentage

Vooraleer te consolideren zal per deelneming nagegaan worden of ze als dochteronderneming moet worden beschouwd en of ze bijgevolg al dan niet in de consolidatiekring moet worden opgenomen. Hiervoor is het controlepercentage belangrijk. 2.3.1 Controlepercentage

Het controlepercentage geeft een uitdrukking van de macht die men heeft in een bepaalde onderneming. Het controlepercentage wordt berekend als het percentage van de stemgerechtigde aandelen in het bezit van de controlerende vennootschap t.o.v. het totaal van de door de gecontroleerde vennootschap uitgegeven stemgerechtigde aandelen. Het controlepercentage weerspiegelt de graad van macht en zeggenschap van de moeder en de graad van afhankelijkheid van de dochter. In de praktijk moet soms afgerekend worden met ingewikkelde verhoudingen ingevolge de uitgifte van meerdere soorten aandelen, waaronder mogelijk aandelen met meervoudig stemrecht en/of zonder stemrecht, aandelen aangehouden in portage enz.. Deze laatste elementen worden hier niet besproken. Samengevat wordt de controle steeds bereikt door de mogelijke machtsuitoefening, nl. de stemrechten die verbonden zijn aan het aangehouden aandelenbezit. Voorbeeld 1

A 70 % B In deze eenvoudige groepsstructuur is het controlepercentage van A in B: 70%. Voorbeeld 2 A 70 % B 55 % C Het controlepercentage van A in B is 70 % Het controlepercentage van B in C is 55 % Het controlepercentage van A in C is ook 55 %

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
4

Voor de bepaling van de controlebevoegdheid wordt de onrechtstreekse controlebevoegdheid via een dochtervennootschap bij de eigen rechtstreekse controlebevoegdheid geteld. Het controlepercentage wordt berekend door optelling van het percentage van het kapitaal van de betrokken onderneming dat rechtstreeks in het bezit is van de moederonderneming en het percentage van het kapitaal dat onrechtstreeks in het bezit is van de moederonderneming via n of meerdere dochterondernemingen. Voorbeeld 3

A 70 % B

25 % C 35 %

In deze structuur worden de controlepercentages als volgt bepaald: Het controlepercentage van A in B is 70 % Het controlepercentage van B in C is 35 % Het controlepercentage van A in C is 25 % (direct) plus 35 % (indirect via B), hetzij 60 %

Voorbeeld 4

A 40 % B

25 % C 35 %

In vergelijking met voorbeeld 3 is er maar n verschil, nl. het controlebelang van A in B is nu slechts 40 %. Gezien A dan geen meerderheid heeft in B kan zij de stemrechten van B in C niet benutten volgens haar wil. De controleketting wordt daarom doorbroken wanneer het controlepercentage in een tussenschakel daalt onder het niveau van echte controle, met name minder dan 50% bedraagt. De aandelen van dochterondernemingen die door henzelf of door hun dochterondernemingen worden aangehouden worden dan ook niet meegerekend om het controlepercentage te bepalen. Het controlepercentage van A in C beloopt hier 25 % (direct) plus 0 % (indirect), hetzij slechts 25 % waardoor A geen controlemeerderheid heeft in C. Conclusie Het controlepercentage bepaalt de omvang van de controle en wordt gebruikt voor a) de bepaling van welke ondernemingen er in de consolidatie moeten opgenomen worden en b) de consolidatiemethode.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
5

Het uitwerken van de consolidatie zelf (o.a. bepaling van het consolidatieverschil en belang van derden, zie infra) gebeurt daarentegen aan de hand van het belangenpercentage.

2.3.2

Belangenpercentage

Het belangenpercentage is het financieel aandeel dat een vennootschap aanhoudt in het netto-actief (eigen vermogen) en het resultaat van een andere vennootschap. Het wordt uitgedrukt als een percentage van het kapitaal van de onderneming waarin de aandelen worden aangehouden en geeft dus de omvang van het kapitaalbelang weer. Het belangenpercentage kan rechtstreeks en/of onrechtstreeks aangehouden worden. Bij een onrechtstreekse deelneming wordt het berekend door vermenigvuldiging van de opeenvolgende deelnemingspercentages. Omwille van deze vermenigvuldigingsregel kan het belangenpercentage in een lange keten van opeenvolgende deelnemingsschakels met telkens meerderheidscontrole zeer klein worden. In de praktijk blijkt verwarring te bestaan tussen controlepercentages en belangenpercentages. Wij verduidelijken het verschil aan de hand van voorbeelden: Voorbeeld 1

A 70 % B In deze eenvoudige groepsstructuur is het controlepercentage van A in B: 70%. Het belangenpercentage is identiek, nl. ook 70%

Voorbeeld 2 A 70 % B 55 % C

A in B B in C A in C

Controle Direct Direct Indirect

Controlepercentage 70% 55 % 55 % (0% + 55%)

Belangenpercentage 70% 55 % 38,5 % (70% x 55 %)

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
6

Voorbeeld 3

A 70 % B

25 % C 35 %

A in B B in C A in C

Controle Direct Direct Direct + indirect

Controlepercentage 70% 35% 60 % (25% + 35%)

Belangenpercentage 70% 35% 49,5 % (25% + [70% x 35 %])

Uit voorgaande voorbeelden blijkt dat het controlepercentage kan afwijken van het belangenpercentage. Dit verschil treedt vooral op bij onrechtstreekse deelnemingen, wederzijdse deelnemingen en circulaire deelnemingen. Een wederzijdse deelneming bestaat wanneer de dochteronderneming op haar beurt aandelen aanhoudt van de moederonderneming. En circulaire deelneming ontstaat wanneer een dochteronderneming zelf een deelneming aanhoudt in een andere (klein)dochteronderneming, die zelf aandelen aanhoudt van de moederonderneming van de eerstgenoemde. In geval van wederzijdse en circulaire deelneming wordt het belangenpercentage berekend door toepassing van een algebrasche formule.

2.4

Consolidatiekring

De opstelling van een geconsolideerde jaarrekening wordt voorafgegaan door de bepaling van de consolidatiekring. De consolidatiekring geeft het geheel van de ondernemingen die in de consolidatie opgenomen worden, weer. Volgens de consolidatieleer omvat de consolidatiekring de consoliderende onderneming en al haar exclusieve en gezamenlijke dochterondernemingen bevat en dit ongeacht hun werkzaamheden of vestigingsplaats. De wetgeving regelt in de praktijk hoe deze kring moet bepaald worden (Cf. infra Belgische wetgeving en IAS/IFRS). Elke consolidatie begint met het inventariseren van de participaties, zowel de directe als de indirecte. Zulks gebeurt door het uittekenen van een groepsorganigram. Hierna volgt een voorbeeld van een vereenvoudigd groepsorganigram.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
7

Daarna volgt de berekening van het controlepercentage gezien dit percentage welke de uitgeoefende controlerechten zijn. Uitgaande van het groepsorganigram zal door combinatie met de berekende controlepercentages bepaald worden welke de consolideerbare vennootschappen zijn. Vervolgens zullen op die lijst de consolidatieregels van de moederonderneming en de wettelijke voorschriften toegepast worden. Daaruit zal dan de lijst van de te consolideren vennootschappen volgen. Schematisch kan dat proces als volgt weergegeven worden:

Opstellen groepsorganigram

Berekening controlepercentages

Lijst van de consolideerbare vennootschappen

Wettelijke bepalingen en groepsregels toepassen

Lijst van de te consolideren vennootschappen = consolidatiekring

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
8

CONSOLIDATIEMETHODES

Consolideren staat voor het uitvoeren van een aantal werkzaamheden waardoor de jaarrekeningen van ondernemingen die tot een economische groep behoren, samengevoegd worden. De in de geconsolideerde jaarrekening verstrekte informatie wordt verkregen door samenvoeging van de vermogenselementen uitgedrukt in de individuele jaarrekeningen van de tot de economische groep behorende ondernemingen, waarbij welbepaalde posten worden gelimineerd of herwerkt. Voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening bestaan drie methoden: integrale consolidatie, waarbij alle activa en passiva, kosten en opbrengsten, rechten en verplichtingen van de consoliderende vennootschap en haar dochters opgenomen worden; evenredige consolidatie, waarbij van gemeenschappelijke dochterondernemingen het evenredig deel in de activa en passiva, kosten en opbrengsten, rechten en verplichtingen opgenomen wordt; vermogensmutatiemethode, waarbij voor geassocieerde ondernemingen enkel de deelnemingen gewaardeerd wordt en het aandeel in het resultaat van deze ondernemingen opgenomen wordt. Deze methode is eerder een waarderingsmethode dan een eigenlijke consolidatiemethode. In het hiernavolgende deel wordt op elke methode uitvoeriger ingegaan.

3.1 3.1.1

Integrale consolidatiemethode Definitie

De integrale consolidatiemethode moet toegepast worden voor dochterondernemingen waarover exclusieve controle wordt uitgeoefend. Conceptueel is integrale consolidatie (global consolidation) vrij eenvoudig. Naast de eliminatie van de deelneming tegenover het eigen vermogen van de dochteronderneming, wordt de integrale samenvoeging van alle actief en passiefbestanden in de geconsolideerde balans alsook de integrale samenvoeging van alle opbrengsten en kosten in de geconsolideerde resultatenrekening tot stand gebracht. Praktisch is het iets ingewikkelder omdat vaak een aantal aanpassingen moeten doorgevoerd worden. i. De geconsolideerde balans

Vooreerst dienen de statutaire jaarrekeningen van de moederonderneming en de dochterondernemingen geverifieerd worden op de gebruikte accounting standaarden: wanneer zij niet dezelfde zijn moeten zij op dezelfde noemer, nl. de regels toegepast door de moedermaatschappij, gebracht te worden. Het geheel van de herwerkte activa en passiva van elke geconsolideerde dochteronderneming, resulteert in een herwerkt eigen vermogen. Het aandeel van de groep in dit herwerkte vermogen wordt gecompenseerd met de boekwaarde van deze aandelen in de ondernemingen die deze aandelen bezitten. Daardoor ontstaan er nieuwe rubrieken in de geconsolideerde jaarrekening zoals minderheidsbelangen en eerste consolidatieverschil.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
9

Vervolgens dienen onderlinge transacties (intragroepsvorderingen en -schulden, de opbrengsten en kosten die zijn begrepen in de waarde van een actief in de geconsolideerde balans dat afkomstig is van een andere in de consolidatie opgenomen onderneming) te worden gelimineerd. ii. De geconsolideerde resultatenrekening

De geconsolideerde resultatenrekening worden alle kosten en opbrengsten van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, samengevoegd met uitzondering van: intragroepsaan- en verkopen, intragroepsdividenden of -intresten, intragroepsmeer- of minderwaarden,

iii.

De geconsolideerde toelichting

In de geconsolideerde toelichting worden alle rechten en verplichtingen van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen opgenomen met uitzondering van hun onderlinge rechten en verplichtingen.

3.1.2

Bespreking van de voornaamste eliminaties

Het principe van samenvoeging van herwerkte balans- en resultatenrekeningen wordt hierna met eenvoudig voorbeelden gellustreerd. Daarbij wordt verondersteld dat de herwerkingen om de statutaire rekeningen te brengen tot de accountingstandaarden van de moedermaatschappij reeds heeft plaatsgehad. Deze laatste werkzaamheden gebeuren dikwijls op het niveau van de dochterondernemingen op aanduiding van de moedermaatschappij via een aan de dochter opgelegd uit te werken consolidatiebundel.

3.1.2.1 3.1.2.1.1

Bepaling en boeking van het eerste consolidatieverschil Definitie van het begrip eerste consolidatieverschil

Voor elke dochteronderneming die in de consolidatie is opgenomen, wordt het deel van het eigen vermogen dat de aandelen vertegenwoordigt in het bezit van de consoliderende vennootschap en van de in de consolidatie opgenomen dochterondernemingen, gecompenseerd met de boekwaarde van deze aandelen in de ondernemingen die ze bezitten. In veel gevallen zijn de boekwaarde van de aandelen en het deel van het eigen vermogen dat de aandelen in het bezit van de groep vertegenwoordigt verschillend. Dit verschil wordt eerste consolidatieverschil genoemd en kan zowel positief (goodwill) als negatief (badwill) zijn. 3.1.2.1.2 Vaststelling van de waarde van het eigen vermogen

Het eigen vermogen van de dochteronderneming dat wordt gecompenseerd, is de boekwaarde van de activa van de dochter, verminderd met de voorzieningen en schulden. De boekwaarde van deze activa, voorzieningen en schulden is deze na eventuele herwerkingen ingevolge het aanpassen van de

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
10

waarderingsregels van de geconsolideerde dochteronderneming aan de waarderingsregels van de consoliderende onderneming. Indien de aandelen van de geconsolideerde onderneming tijdens het boekjaar zijn verworven, dan omvat het te compenseren eigen vermogen eveneens het resultaat van het boekjaar op datum van verwerving (preacquisitiewinst). 3.1.2.1.3 Datum waarop het consolidatieverschil wordt bepaald

Het eerste consolidatieverschil, en dus ook het te compenseren eigen vermogen, wordt in principe berekend op de datum waarop de aandelen zijn verworven of op een nabijzijnde datum. Het te compenseren eigen vermogen zal daarom berekend worden op basis van het eigen vermogen zoals dit voorkomt in de laatst beschikbare jaarrekening van de dochteronderneming of op meer recente tussentijdse cijfers. Indien gebruik gemaakt wordt van tussentijdse cijfers moet er een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen het resultaat behaald vr de verwerving van de deelneming en het resultaat dat betrekking heeft op de periode erna: resultaten van vr de verwerving moeten ingecalculeerd worden in het eigen vermogen voor de berekening van het consolidatieverschil; resultaten behaald na de verwerving van de deelneming hebben geen invloed op het consolidatieverschil; resultaten die tot uiting zijn gekomen na de verwerving van de deelneming en die het gevolg zijn van meer- en minderwaarden die vr de verwerving bestonden, maar slechts nadien tot uiting zijn gekomen, dienen te worden verwerkt als betrekking hebbend op de periode van vr de verwerving. Dit betekent dat ermee moet rekening gehouden worden bij de berekening van het consolidatieverschil. 3.1.2.1.4 Vaststelling van de boekwaarde van de deelneming

De boekwaarde die voor de berekening van het consolidatieverschil in aanmerking komt, is de waarde van de aandelen van de dochteronderneming, zoals zij voorkomt in de herwerkte balansen van de ondernemingen die aandelen bezitten van de dochteronderneming. Bij de herwerking worden de eventuele geboekte waardeverminderingen of herwaarderingen tegengeboekt. Zodoende zal de boekwaarde dan gelijk zijn aan de oorspronkelijke aanschaffingswaarde. 3.1.2.1.5 Oorzaken van consolidatieverschillen

Het consolidatieverschil ontstaat uit verschillen tussen de boekwaarde van de aandelen in de ondernemingen die de aandelen aanhouden en het overeenkomstig aandeel dat de groep bezit in het eigen vermogen van de dochteronderneming.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
11

Wij onderkennen: Het positief consolidatieverschil: de aanschaffingswaarde van de deelneming is groter dan het overeenkomstig aandeel in het eigen vermogen (na eventuele herwerkingen) Het negatief consolidatieverschil: de aanschaffingswaarde van de deelneming is lager dan het overeenkomstig aandeel in het eigen vermogen (na eventuele herwerkingen)

3.1.2.1.5.1 Oorzaken van positieve consolidatieverschillen Wanneer een onderneming voor de verwerving van een deelneming meer betaalt dan het overeenkomstig aandeel in het eigen vermogen van de onderneming waarin wordt deelgenomen, kan zulks diverse oorzaken hebben: Onderwaardering van de activa van de dochteronderneming: De waardering tegen het historische kostprincipe leidt in een aantal gevallen tot het niet uitdrukken in de balans van immaterile vaste activa zoals het handelsfonds, merken, brevetten, licenties, alsook het niet uitdrukken van meerwaarden op materile vaste activa. Overwaardering van passiva van de dochteronderneming Hieronder vinden we frequent overdreven voorzieningen die om fiscale redenen werden aangelegd. Gunstige rentabiliteitsvooruitzichten Het langs de opname van een vennootschap in de groep realiseren van voordelen als uitschakeling van concurrentie, schaalvergroting, betere commercile positie, het kunnen genieten van bekwaamheid van personeel, het verzekeren van toelevering, enz.

3.1.2.1.5.2 Oorzaken van negatieve consolidatieverschillen Een lagere aanschaffingswaarde zal bv. als reden hebben: Overwaardering van activa van de dochter: Onvoldoende waardeverminderingen op vorderingen en niet uitgedrukte minderwaarden wegens verouderde voorraden zijn frequent voorkomende punten Onderwaardering van passiva van de dochter Onvoldoende voorzieningen voor hangende geschillen, niet geboekte bijdrageopslagen voor RSZ en nalatigheidsintresten verschuldigd inzake BTW en bedrijfsvoorheffing, enz. horen in deze soort verschillen. Minder gunstige rentabiliteitsvooruitzichten.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
12

3.1.2.1.5.3 Toerekening van consolidatieverschillen 3.1.2.1.5.3.1 Principe Men onderscheidt enerzijds consolidatieverschillen die kunnen toegerekend worden aan activa en passiva, en anderzijds niet-toerekenbare consolidatieverschillen. Het geldende principe is dat de consolidatieverschillen zoveel mogelijk moeten toegerekend worden aan de actief- en passiefposten waarvan de werkelijke waarde hoger of lager is dan de boekwaarde in de jaarrekening van de dochteronderneming. Het verschil dat overblijft na deze toerekening wordt in de geconsolideerde balans opgenomen onder de post eerste consolidatieverschil . Dit verschil kan dan positief of negatief zijn. Een positief verschil wordt opgenomen op de actiefzijde, een negatief verschil op de passiefzijde. Positieve en negatieve verschillen mogen niet gecompenseerd worden, tenzij zij betrekking hebben op eenzelfde dochteronderneming waarvan de deelneming in verschillende fasen verworven werd zodat op elk van de verwervingsdata consolidatieverschillen moeten berekend worden. Dan moeten die consolidatieverschillen gecompenseerd worden.

3.1.2.1.5.3.2 Herschatting van activa en passiva Eens het verschil is vastgesteld tussen de boekwaarde van de deelneming en het aandeel in het eigen vermogen, wordt onderzocht welk gedeelte van dit verschil toerekenbaar is aan actief- en passiefposten. Elke actief- en passiefpost van de te consolideren vennootschap dient voor herschat te worden op basis van de werkelijke waarden waarmee rekening gehouden werd bij de aankoop van de dochteronderneming: de historische boekhoudkundige waarde van de betrokken activa worden dan vervangen door de rele waarde op het ogenblik van verwerving van de dochtervennootschap. Deze herschatting gebeurt in het kader van de consolidatie en benvloedt de statutaire jaarrekening van de te consolideren ondernemingen niet. Elke actief- en passiefpost waaraan een gedeelte van het consolidatieverschil toerekenbaar is, wordt met het passende bedrag aangepast. De datum voor de herschatting is in principe de datum waarop de aandelen zijn verworven of een (om praktische redenen) dichtbijzijnde datum (bv. omdat op, de verwervingsdatum zelf geen financile staten ter beschikking zijn maar wel op die nabije datum).

3.1.2.1.5.4 Voorstelling in de geconsolideerde jaarrekening Blijft nog de vraag hoe het niet aan activa of passiva toerekenbaar deel van het consolidatieverschil in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen moet worden. Het positief consolidatieverschil wordt in de regel onder een afzonderlijke post op het actief in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen. De gebruikte terminologie is dan: Consolidatieverschil, eerste consolidatieverschil, goodwill. Het negatief consolidatieverschil dient onder een afzonderlijke post op het passief te worden opgenomen. De benamingen die aan deze passiefpost ook worden gegeven lopen nogal uiteen en zijn bv. negatieve consolidatiegoodwill, consolidatiereserve, (consolidatie)badwi1l, eerste consolidatieverschil, consolidatieverschil. De post negatieve consolidatieverschillen behoort tot het eigen vermogen van de geconsolideerde jaarrekening.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
13

3.1.2.2 3.1.2.2.1

Belangen van derden Definitie

In de geconsolideerde jaarrekening wordt het eigen vermogen van elke geconsolideerde dochteronderneming voor het deel ervan dat beantwoordt aan de aandelen in het bezit van derdenaandeelhouders, op de passiefzijde van de geconsolideerde balans geboekt in de post Belangen van derden Indien de groep van een in de consolidatie opgenomen onderneming niet alle aandelen bezit, wordt de eigendom van de betrokken dochter gedeeld met andere aandeelhouders. Niettemin worden bij toepassing van de integrale consolidatie alle activa en schulden opgeteld. De geconsolideerde jaarrekening omvat dus niet alleen de activa en passiva in het bezit van de groep, maar ook het aandeel van derden-aandeelhouders. Dit heeft tot gevolg dat een post Belangen van derden op het passief in de geconsolideerde balans moet opgenomen worden. Belangen van derden kan worden gedefinieerd als het gedeelte van het eigen vermogen van de geconsolideerde jaarrekening dat niet aan de groepsaandeelhouders toebehoort, maar aan derdenaandeelhouders. Uit het voorgaande volgt dat de betrokken post een passiefpost moet zijn en de kleinste waarde ervan nul kan zijn. Zulks is van belang wanneer het statutaire eigen vermogen van de dochter negatief zou zijn.

3.1.2.2.2

Voorstelling van de belangen van derden in de geconsolideerde jaarrekening

Uit de voorgaande definitie volgen de vragen als: Horen belangen van derden tot de schulden dan wel tot het eigen vermogen van de groep? Hoe waardeaanpassingen activa en passiva verwerken? Hoe resultaat tussen groep en derden verwerken? Er bestaan verschillende meningen omtrent de vraag of het minderheidsbelang een component is van het eigen vermogen dan wel van het vreemd vermogen. Eenheidstheorie De belangen van derden worden in dit geval bij de eerste consolidatie berekend op basis van het percentage van de derden toegepast op:

+/+/-

Het eigen vermogen van de dochter De effecten van herwerking van de statutaire staten van de dochter Het impact van het toerekenen van meer- en minderwaarden op activa en passiva

De belangen van derden nemen dus hun deel van meer- en minderwaarden op de balansposten. De activa en passiva van de dochteronderneming worden voor hun volledige economische waarde in de

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
14

geconsolideerde jaarrekening opgenomen. In de balans worden de belangen van derden als een afzonderlijke rubriek van het eigen vermogen opgenomen. Belangentheorie De belangen van derden worden hier berekend als aandeel in het herwerkt eigen vermogen, zonder dat dit is aangepast voor meer- en minderwaarden op actief- en passiefposten. De aanpassingen van de betrokken actief- en passiefposten gebeurt dan niet volledig maar slechts proportioneel aan het deel toebehorend aan de moeder. De belangen van derden worden in de geconsolideerde balans dan als vreemd vermogen opgenomen. Uitgebreide belangentheorie De uitgebreide belangentheorie is een combinatie van de eenheidstheorie en belangentheorie. De belangen van derden worden berekend op basis van het herwerkt eigen vermogen na verrekening van de meer- en minderwaarden op actief- en passiefposten. In de geconsolideerde balans worden de belangen van derden opgenomen als vreemd vermogen. 3.1.2.2.3 Behandeling van herschatting van actief- en passiefcomponenten en het verschil van eerste consolidatie

Het verschil tussen de boekwaarde van een deelneming en het aandeel van de moeder in het herwerkte eigen vermogen van de dochteronderneming is het gevolg enerzijds van de toe te rekenen meer- en minderwaarden op actief- en passiefposten en anderzijds van een nadien eventueel nog resterend niet toewijsbaar verschil. De vraag stelt zich of men bij de berekening van de belangen van derden dient rekening te houden met de beide hierboven vermelde componenten dan wel slechts met n ervan. Herschatting van activa en passiva Bij integrale consolidatie worden de activa en passiva van de dochter voor hun volledig economische waarde in de geconsolideerde balans opgenomen. Zowel de consoliderende onderneming als de derden aandeelhouders hebben een aandeel in de latente meer- en minderwaarden. Bij de berekening van de belangen van derden rekening houden met deze meer- en minderwaarden geeft een meer getrouw beeld dan wanneer in de geconsolideerde balans activa en passiva alleen zouden herschat worden met het aandeel van de moeder (proportionele eliminatie) Niet-toerekenbaar verschil Het resterend niet toewijsbaar eerste consolidatieverschil komt volledig voor rekening van de groep (meerderheid) en benvloedt in geen enkel geval de belangen van de derden. Wij verwijzen naar wat wij gezegd hebben onder punt 3.1.2.1.5 over de oorzaken van consolidatieverschillen. De verwerving van een deelneming kan opportuniteiten opleveren voor de consoliderende onderneming, bijvoorbeeld commercile of technische synergie, waardoor de verwervingsprijs na toerekening toch hoger is komen te liggen dan het aandeel in het herwerkt eigen vermogen (positief consolidatieverschil). De argumenten daarvoor behoren tot de groep en zijn vreemd aan de minderheidsaandeelhouders, zodat die effecten natuurlijk aan deze laatste niet aangerekend kunnen worden.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
15

3.1.2.2.4

Het geconsolideerd resultaat

Hiervoor werd de consolidatieproblematiek beperkt tot de balans. In dit onderdeel wordt de consolidatie uitgebreid tot de resultatenrekening en resultaatverwerking. In de benadering hierna wordt er voor de eenvoud van uitgegaan dat er geen intra-groepsverrichtingen met een impact op het geconsolideerd resultaat hebben plaatsgevonden. Dat punt wordt verder behandeld. Het geconsolideerd resultaat is dan gelijk aan de optelling van de individuele resultaten van de integraal geconsolideerde jaarrekeningen. Vooraleer de consolidatie aan te vatten, wordt in de individuele jaarrekening van elke te consolideren jaarrekening de resultaatverwerking geannuleerd en het resultaat van het boekjaar als een over te dragen resultaat beschouwd. De overboeking naar de belastingvrije reserves en de onttrekkingen aan deze reserves worden ook tegengeboekt. Na consolidatie geschiedt de verdeling van het geconsolideerd resultaat, wat in feit neerkomt op het boeken van de winstverdeling die door de moedervennootschap (op statutair niveau) voorgesteld wordt: de geconsolideerde winst zal dan verminderd worden met het voorgestelde dividend en/of andere uitkeringen voorgesteld door de moedervennootschap. De verdeling van het geconsolideerd resultaat bestaat vooreerst in de toewijzing van het nietgeconsolideerd resultaat van de consoliderende vennootschap en de toewijzing van het resterend geconsolideerd resultaat aan de derden. Het gedeelte van het geconsolideerd resultaat dat moet worden toegerekend aan aandelen die worden gehouden door andere dan de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, wordt in de geconsolideerde resultatenrekening vermeld onder de post aandeel van derden in het resultaat.

3.1.2.3 3.1.2.3.1

Eliminatie van onderlinge verrichtingen Begripsomschrijving

De geconsolideerde jaarrekening geeft de financile toestand en het resultaat weer van n enkele economische eenheid (concept entiteit). Bijgevolg moeten alle verrichtingen gelimineerd worden die binnen de gedefinieerde entiteit plaatsgevonden hebben en dus eigenlijk maar verplaatsingen weergeven maar geen echte gerealiseerde transacties op het niveau van de groep. Het betreft: De onderlinge vorderingen en schulden inclusief deze in de overlopende rekeningen van de in de consolidatie opgenomen ondernemingen; De onderlinge opbrengsten en kosten die betrekking hebben op verrichtingen tussen de in de consolidatie opgenomen ondernemingen; De winsten en verliezen die zijn begrepen in de waarde van een actief, dat voorkomt in de geconsolideerde balans, en die ontstaan zijn naar aanleiding van de verwerving van dit actief van een andere in de consolidatie opgenomen onderneming; De dividenden toegekend door een in de consolidatie opgenomen onderneming aan een andere in de consolidatie opgenomen onderneming.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
16

In de door te voeren eliminaties onderscheiden we: De eliminaties binnen de balans; De eliminaties binnen de resultatenrekening De eliminaties met impact op de balans en resultatenrekening. Sommige eliminaties zijn neutraal tegenover het eigen vermogen en het geconsolideerd resultaat, andere daarentegen niet. Door de techniek van de consolidatie zijn alle vorderingen en schulden alsook alle opbrengsten en kosten van de integraal in de consolidatie op te nemen ondernemingen eerst samengevoegd. Daarom moeten onderlinge vorderingen en schulden en ook onderlinge opbrengsten en kosten gelimineerd om dubbeltellingen te vermijden en de verschuivingen binnen de groep te annuleren en enkel de verrichtingen met derden buiten de groep in de rekeningen over te houden. Volgens de consolidatieleer bestaat de mogelijkheid om onderlinge kosten en opbrengsten niet te elimineren in enkele limitatieve gevallen, nl. : onderlinge verrichtingen die aan normale marktvoorwaarden gebeurd zijn; eliminaties die om ze te realiseren onevenredige kosten met zich mee brengen (kost loont de baat niet); eliminaties zijn van te verwaarlozen betekenis (toepassing relevantieprincipe).
Organisatorisch is het aan te bevelen bij eliminaties een specifieke imputatie mee te geven aan de vordering of de schuld, kost of opbrengst, ter identificatie van de onderneming van wie de vordering of schuld, kost of opbrengst wordt gelimineerd. Dit zal toelaten om per rubriek van de geconsolideerde balans en resultatenrekening, de samenstelling en herkomst te detailleren en het aandeel van elke onderneming in het geconsolideerd resultaat te kennen.

3.1.2.3.2

Eliminaties binnen de balans

Het betreft eliminaties, andere dan de eliminatie van de deelneming (zie daartoe 3.1.2.1), die betrekking hebben op de uitboekingen van activa en passiva, zonder impact op het geconsolideerd resultaat. Deze uitboekingen dienen om dubbeltellingen in de geconsolideerde balans te vermijden. Onderlinge vorderingen en schulden ontstaan door: onderlinge leveringen van goederen en diensten, die nog niet zijn gend of betaald; onderlinge verkopen van vaste activa die nog niet zijn gend of betaald; onderling lenen of uitlenen van gelden op korte of lange termijn; Bij consolidatie worden de uitstaande saldi op consolidatiedatum gelimineerd. Dit veronderstelt dat de te elimineren saldi gelijk zijn: de te elimineren vordering moet gelijk zijn de te elimineren schuld. De oorzaak van verschillen is te vinden in het feit dat de verrichting is geboekt in de ene onderneming en nog niet geboekt in de andere. Het is dus meestal een tijdsverschil; uitzonderlijk komt het door het toepassen van verschillende (nationale) accountingregels. Voorbeelden: Verkoopfactuur goederen en diensten of investeringsgoederen geboekt bij de moeder, aankoopfactuur nog niet geboekt bij de dochter; Betaling geboekt bij de dochter, ontvangst van de gelden nog niet geboekt bij de moeder; Toegestane lening al geboekt bij de moeder, nog niet geboekt bij de dochter,

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
17

Prorata intresten m.b.t. voorgaande operaties van leningen of betalingsuitstel niet op zelfde wijze berekend, bij de ene geboekt en bij de andere niet; Enz. De procedures van standaardisatie van de werkwijzen i.v.m. intragroepsoperaties moeten de wegwerking van deze verschillen vr consolidatie garanderen. Zulke aanpassingen horen immers tot het corrigeren van individuele balansen maar niet tot het echte consolidatieproces. Bij de verwerking van de eliminatieboekingen kan er dan van uitgegaan worden dat het bedrag van de te elimineren vordering gelijk is aan het bedrag van de te elimineren schuld. De wederzijdse vorderingen en schulden moeten daarom eerst genventariseerd worden. Dit vereist dat in iedere in de consolidatie opgenomen onderneming de intragroepsvorderingen en -schulden snel ter beschikking zijn. De boekhouding moet daarop inspelen, bv. door aan iedere te consolideren onderneming een codenummer toe te kennen en het rekeningenstelsel terzake aan te passen. Bij de inventarisatie van de intragroepsvorderingen en -schulden kan dan op die sleutels geselecteerd worden. De voorafgaandelijke afstemming van de intragroepsvorderingen en schulden gebeurt normaal door gebruik te maken van een afstemmingstabel (zie punt 3.1.3.9.3).

3.1.2.3.3

Eliminaties binnen de resultatenrekening

Het betreft eliminaties om wederzijdse kosten en opbrengsten zonder impact op het geconsolideerd resultaat uit te boeken. Zoals de eliminaties binnen de balans zijn ook deze eliminaties noodzakelijk om dubbeltellingen te vermijden. Onderlinge kosten en opbrengsten ontstaan bv. door: aankopen en verkopen van goederen; aankopen en verkopen van diverse goederen en diensten (o.a. doorrekening van kosten); intrestkosten en intrestopbrengsten. Bij consolidatie worden de saldi op consolidatiedatum gelimineerd. De debetsaldi moeten bijgevolg gelijk zijn aan de creditsaldi. Onderlinge verschillen kunnen voorkomen door (i) een verschil in boekingsdatum van de transacties (bij de ene geboekt, bij de andere nog niet) en (ii) uit een verschil in boekingswijze van de transacties. De verschillen onder (i) moeten worden opgevangen door de procedures van herwerkingen die voorafgaandelijk aan de aanvang van de consolidatieactiviteiten, de wegwerking van deze verschillen realiseren. De verschillen onder (ii) worden behandeld in het volgend punt waarbij eliminaties beschreven worden die zich binnen n de balans n de resultatenrekening situeren. De boekhouding van de betrokken ondernemingen moet toelaten de onderlinge kosten en opbrengsten op een efficinte wijze te inventariseren. Zoals bij de vorderingen en schulden wordt ook hier gebruik gemaakt worden van afstemmingstabellen (zie punt 3.1.3.9.3).

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
18

3.1.2.3.4

Eliminaties binnen de balans en de resultatenrekening

Wanneer in de balans van een geconsolideerde onderneming activa voorkomen die voortkomen uit de uit de verwerving van dat actief bij een andere in de consolidatie opgenomen onderneming, dan moeten de resultaten (winst/verlies) uit die operaties gelimineerd worden. Een aantal onderlinge verrichtingen benvloeden daarom bij eliminatie zowel balansposten als posten van de resultatenrekening. De eliminatie gaat dan ook veelal gepaard met een wijziging in het geconsolideerd resultaat. Voorbeelden: meer- en minderwaarden gerealiseerd op intragroepsverkopen van vaste activa; intragroepsresultaten begrepen in voorraden; intragroepsdividenden; enz. Waardeverminderingen en voorzieningen geboekt op resp. met betrekking tot in de consolidatie opgenomen participaties moeten ook gelimineerd worden. Evenwel kan dit beter als een voorafgaandelijk door te voeren herwerking aanzien worden (cf. ook supra). Opdat de geconsolideerde resultatenrekening een getrouw beeld zou geven van het geconsolideerd resultaat van het boekjaar moeten de resultaten die voor de groep niet gerealiseerd zijn, gelimineerd worden (toepassing realisatieprincipe). Verder moeten resultaten die geen betrekking hebben op het geconsolideerd resultaat van het boekjaar ook gelimineerd worden (betreft dividenden uitgekeerd door groepsondernemingen). 3.1.2.3.5 Eliminatie intragroepsdividenden

Er wordt van uitgegaan dat in de herwerkingen vr de consolidatie de individuele in de consolidatie op te nemen onderneming hun jaarrekeningen hebben herwerkt naar de toestand voor resultaatverdeling. Deze herwerking viseerde het cijfermateriaal klaar te maken voor de consolidatiewerkzaamheden. Zie terzake punt 3.1.2.2.4. Binnen een groep komt het evenwel voor dat over een boekjaar X1 in X2 een dividend uitgekeerd wordt. Die uitkering die op statutair vlak een vermindering van de eigen middelen van de uitkerende vennootschap inhoudt en een toename van de winst van de ontvangen maatschappij veroorzaakt, mag op consolidatievlak geen weerslag hebben. Immers zoals reeds aangetoond werd, wordt een dividendvoorstel in het jaar waar de winst gerealiseerd wordt, reeds opgenomen in de geconsolideerde jaarwinst. Daarom moet in de ontvangen maatschappij het ontvangen dividend uit de resultaten van het boekjaar gelimineerd worden (om enkel resultaat van het boekjaar te tonen) en terug toegevoegd te worden aan de groepsreserves (waar het betrokken dividend einde van het vorige jaar reeds in vervat zat). 3.1.2.3.6 Afschrijving op positieve eerste consolidatieverschillen

Positieve consolidatieverschillen moeten ten laste van de geconsolideerde resultatenrekening afgeschreven. Hun afschrijving wordt gespreid over een termijn die moet verantwoord worden in de toelichting. In de literatuur worden termijnen van 5 tot 40 jaar als aanduiding gevonden, terwijl de

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
19

IAS/IFRS regels het planmatig afschrijven als idee zelfs verlaten en een impairment (waardevermindering) voorschrijven (cf. ook hoofdstuk IAS/IFRS). Algemeen moet de afschrijvingen van positieve consolidatieverschillen gebaseerd zijn op een voorzichtige raming van de economische bijdrageduur van de dochter tot het groepsresultaat. Hoelang zal die dochter meer bijdragen dan uit haar historische staten van voor de verwerving blijkt? Afschrijvingen op consolidatieverschillen behoren tot de consolidatieboekingen, maar zijn in feite geen eliminatieboekingen, d.w.z. er wordt niets gelimineerd maar de boeking heeft wel effect op het geconsolideerd eigen vermogen en het geconsolideerd resultaat. De afschrijvingen op consolidatieverschillen hebben dan natuurlijk geen impact op de belangen van derden. Hoger is al aangetoond dat de meerprijs betaling uitsluitend uit groepsoverwegingen voortkomt.

3.1.2.4

Consolidatie in jaren volgend op het eerste verwervingsjaar

Consolidatie van een jaar volgend op het eerste consolidatiejaar verschilt in de regel niet van de werkwijzen die hiervoor uiteengezet zijn. Bij consolidatie is het uitgangspunt steeds de individuele jaarrekening op de datum van de opstelling van de consolidatie. Er bestaat dus geen doorlopende consolidatieboekhouding maar elk jaar wordt de consolidatie opnieuw uitgewerkt in een op zichzelf staande administratie. Het eerste consolidatieverschil (positief of negatief) dat vastgesteld werd bij de eerste consolidatie blijft ongewijzigd. Zulks is logisch omdat het bepaald wordt op de verwervingsdatum van de dochter. Vanzelfsprekend gaat die vaststelling uit van het principe dat de deelnemingsverhouding sinds de verwerving niet gewijzigd is; mocht zulks wel het geval zijn dan moeten aanpassingen doorgevoerd worden voor die wijziging. Een consolidatie is, niettegenstaande dat zij elk jaar zelfstandig uitgevoerd wordt, wel onderworpen aan het consistentieprincipe. De reserves moeten dus van jaar tot jaar op elkaar aansluiten. De groepsreserves zullen dus einde van het jaar X2 gelijk zijn aan deze van X1 verhoogd met de (niet uitgekeerde) groepswinst van het jaar X2, eventueel aangepast voor groepswijzigingen. Herhaling van de boekingen uit vorig jaar die toen invloed hadden op de groepsreserves dringt zich dus op. Zuivere eliminaties zonder effect op de reserves of het geconsolideerd resultaat worden evenwel niet herhaald; zij zijn gebonden aan punctuele saldi op balansdatum en moeten elk jaar het voorwerp vormen van een ad hoc analyse.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
20

3.1.3 3.1.3.1

Voorbeelden Geen consolidatieverschil opgave

3.1.3.1.1

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.000 6.600 1.000 10.400 23.000 M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 3.300 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.1.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
21

3.1.3.1.3

Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 6.600

Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Groepsaandeel 100% Participatie M Consolidatieverschil

6.600 0

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder.

3.1.3.1.4

Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) @ 6.000 600 Financile vaste activa (M)

6.600

3.1.3.1.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn. M Activa MVA FVA Voorraden Activa K.T. 5.000 6.600 1.000 10.400 23.000 8.000 6.600 2.000 5.000 15.000 D Eliminaties Debet Credit Conso 13.000 0 3.000 15.400 31.400

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
22

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 0 3.300 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600

Conso 10.000 1.000 500 4.800 15.100 31.400

6.600

6.600

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Materile vaste activa: de moeder bezit machines voor een boekwaarde van 5.000, de dochter voor 8.000. De groep bezit dus machines voor een boekwaarde van 13.000. Financile vaste activa: de deelneming van M in D moet gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Voorraden: de moeder bezit voorraden voor 1.000, de dochter voor 2.000. Samen bezitten ze dus 3.000 aan voorraden. Vorderingen: de moeder bezit voor 10.400 vorderingen, de dochter voor 5.000. De groep bezit 15.400 aan vorderingen. Aangezien er geen wederzijdse vorderingen of schulden zijn, betreft het geheel van de vorderingen van 15.100 vorderingen op derde partijen buiten de groep. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Schulden op LT: de moeder heeft voor 1.500 schulden op LT, de dochter voor 3.300. De groep heeft dus 4.800 aan schulden op LT. Aangezien er geen wederzijdse vorderingen of schulden zijn, betreft het geheel van de schulden op LT van 4.800 schulden aan derde partijen buiten de groep. Schulden op KT: de moeder heeft voor 10.000 schulden op KT, de dochter voor 5.100. De groep heeft dus 15.100 aan schulden op KT. Aangezien er geen wederzijdse vorderingen of schulden zijn, betreft het geheel van de schulden op KT van 15.100 schulden aan derde partijen buiten de groep. Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
23

3.1.3.2 3.1.3.2.1

Positief consolidatieverschil opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 3.000 8.600 1.000 10.400 23.000 Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 3.300 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.2.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
24

3.1.3.2.3

Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 6.600

Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Groepsaandeel 100% Participatie M Consolidatieverschil

8.600 2.000

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Er werd meer betaald dan de onderliggende (boekhoudkundige) waarde.

3.1.3.2.4

Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) 6.000 600 2.000

8.600

3.1.3.2.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 2.000 8.600

Conso 2.000 11.000 0 3.000 15.400 31.400

3.000 8.600 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
25

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 0 3.300 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600

Conso 10.000 1.000 500 4.800 15.100 31.400

8.600

8.600

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Financile vaste activa: de deelneming van M in D moet gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs hoger ligt dan de balanswaarde is het een positief consolidatieverschil dat aan de actiefzijde van de balans opgevoerd wordt. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het actief duidt aan welke meerprijs t.o.v. het eigen vermogen van de dochter neergeteld werd bij de verwerving.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
26

3.1.3.3 3.1.3.3.1

Negatief consolidatieverschil opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 6.000 5.600 1.000 10.400 23.000 Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 3.300 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.3.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
27

3.1.3.3.3

Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 6.600

Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Groepsaandeel 100% Participatie M Consolidatieverschil

5.600 -1.000

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Nu ligt de betaalde prijs evenwel beneden de (boekhoudkundige) waarde van het onderliggende netto-actief.

3.1.3.3.4

Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) @ @ 6.000 600 Financile vaste activa (M) Consolidatieverschil (passief)

5.600 1.000

3.1.3.3.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

M Activa MVA FVA Voorraden Activa K.T. 6.000 5.600 1.000 10.400 23.000

D 8.000

Eliminaties Debet Credit 5.600

Conso 14.000 0 3.000 15.400 32.400

2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
28

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Consolidatieverschil Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 0 3.300 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600 1.000

Conso 10.000 1.000 500 1.000 4.800 15.100 32.400

6.600

6.600

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Financile vaste activa: de deelneming van M in D moet gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs lager ligt dan de balanswaarde is het een negatief consolidatieverschil dat aan de passiefzijde van de balans opgevoerd wordt. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het passief duidt aan welke waarde in aftrok gebracht t.o.v. het eigen vermogen van de dochter werd bij de verwerving.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
29

3.1.3.4 3.1.3.4.1

Toewijzen van het consolidatieverschil opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 2.000 9.600 1.000 10.400 23.000 Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 3.300 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) De aanschaffingsprijs van de aandelen D hield rekening met een binnen D niet-uitgedrukte meerwaarde op het gebouw onder de materile vaste activa ten bedrage van 2.500.

3.1.3.4.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
30

3.1.3.4.3

Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 6.600

Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Groepsaandeel 100% Participatie M Verschil Toewijzing aan MVA Consolidatieverschil

9.600 3.000 2.500 500

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Er werd meer betaald dan de onderliggende (boekhoudkundige) waarde. Van het verschil wordt eerst het (bekende) bedrag van 2.500 meerwaarde aan het gebouw toegewezen. Enkel het na het toewijzen van meer- en minwaarden nog overblijvend saldo van het verschil wordt als consolidatieverschil geboekt. In dat geval blijft een saldo van 500 als positief consolidatieverschil over.

3.1.3.4.4

Consolidatieboekingen D C 6.000 600 2.500 500 9.600

Kapitaal (D) Reserves (D) MVA (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M)

De toewijzing van de meerwaarde op het gebouw gebeurt via de eliminatiepost van de deelneming. Herhalen we dat die (binnen D aanwezige latente) meerwaarde geen enkele aanpassing vereist aan de onderliggende statutaire balans van D.

3.1.3.4.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
31

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

2.000 9.600 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

Eliminaties Debet Credit 500 2.500 9.600

Conso 500 12.500 0 3.000 15.400 31.400

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 0 3.300 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600

Conso 10.000 1.000 500 4.800 15.100 31.400

9.600

9.600

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: De Moeder bezit materile vaste activa voor 2.000 en de Dochter heeft materile vaste activa met een boekwaarde van 8.000 waarop een meerwaarde toegerekend wordt van 2.500, waardoor het totaal van de boekwaarde van de materile vaste activa in de consolidatie uitkomt op 12.500. Hierbij merken we dat omwille van het getrouw beeld de historische prijs (althans voor het gebouw van D) verlaten wordt om de actuele waarde (nl. deze op verwervingsdatum van D door M) in de plaats te stellen. Op accountancyvlak moet hier een keuze gemaakt worden: Ofwel wordt zoveel mogelijk informatie verstrekt over de waarden binnen de groep en dan moet het gebouw van D getoond worden aan de prijs die ervoor betaald werd, het overschot van de meerprijs op de deelneming is dan het algemene (niet toewijsbare) consolidatieverschil. Ofwel moet indien men het historisch kostprijsbeginsel wil laten primeren, het volledige prijsverschil op de deelneming als consolidatieverschil weergegeven worden. Op dat ogenblik zou de volledigheid en het getrouw beeld achtergesteld worden aan het historisch kostprijsbeginsel. In functie van het masterconcept getrouw beeld, werd voor de eerste oplossing gekozen. Hierin (m.a.w. in de klassieke consolidatieleer) is dus een eerste verwijzing te vinden naar theorien van fair-value boven historische kostprijs (cf. hoofdstuk IAS/IFRS). Financile vaste activa: de deelneming van M in D moet gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs hoger ligt dan de balanswaarde, ook na voorafgaande toewijzing van de specifieke meer- en minderwaarden, is het

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
32

een positief consolidatieverschil dat aan de actiefzijde van de balans opgevoerd wordt. (Merk op dat het voorafgaandelijk toewijzen van meer- en minwaarden ook kan leiden tot een negatief consolidatieverschil. Zulk geval is in de voorbeeldenreeks niet opgenomen) Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het actief duidt aan welke meerprijs t.o.v. het herschat eigen vermogen van de dochter neergeteld werd bij de verwerving.

3.1.3.5 3.1.3.5.1

Preacquisitiewinst opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 3.000 8.600 1.000 10.400 23.000 M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/05/X1 De jaarwinst van D werd als volgt opgebouwd:

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
33

Periode 01/01/X1 t/m 31/05/X1 01/06/X1 t/m 31/12/X1 Jaarwinst D X1

resultaat 100 200 300

Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.5.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D 3.1.3.5.3 Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 100 6.700

Kapitaal (D) Reserves (D) Preacquisitiewinst (D) Eigen vermogen (D) bij verwerving Groepsaandeel 100% Participatie M Consolidatieverschil

8.600 1.900

Bij een eerste opname in de consolidatie wordt het consolidatieverschil bepaald. Het eigen vermogen van de dochteronderneming op basis waarvan dit consolidatieverschil wordt berekend, is de recentst gekende toestand. In een aantal gevallen kan dit dus een tussentijdse balans en resultatenrekening zijn, waarin een tussentijds resultaat voorkomt. Dit tussentijds resultaat wordt in aanmerking genomen voor de bepaling van het consolidatieverschil en wordt bijgevolg bij compensatie van de boekwaarde van de deelneming en het overeenkomstig aandeel in het eigen vermogen gelimineerd. Het bedrag van de winst gerealiseerd vr de overnamedatum wordt de preacquisitiewinst genoemd. Het winstbedrag gerealiseerd na overname, ook postacquisitiewinst genoemd, zal opgenomen worden in het groepsresultaat in de geconsolideerde resultatenrekening (cf. infra)

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
34

3.1.3.5.4

Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) Winst boekjaar (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) 6.000 600 100 1.900

8.600

3.1.3.5.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 1.900 8.600

Conso 1.900 11.000 0 3.000 15.400 31.300

3.000 8.600 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600 100

Conso 10.000 1.000 700 4.500 15.100 31.300

8.600

8.600

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven:

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
35

Financile vaste activa: de deelneming van M in D moeten gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs hoger ligt dan de balanswaarde is het een positief consolidatieverschil dat aan de actiefzijde van de balans opgevoerd wordt. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De winst van het boekjaar X1 beloop bij de moeder 500, bij de dochter 300 waarvan evenwel 100 preacquisitiewinst die niet meegeteld mag worden voor de bepaling van de winst van het boekjaar, aldus wordt de geconsolideerde winst van het boekjaar 700. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het actief duidt aan welke meerprijs t.o.v. het herschat eigen vermogen van de dochter neergeteld werd bij de verwerving. Voor de berekening van dat laatste eigen vermogen wordt de preacquisitiewinst aanzien als deeluitmakend van het eigen vermogen: zij was immers aanwezig en dus mee betaald via de overnameprijs terwijl op die manier ook de winst van de dochter kan gezuiverd worden tot die periode dat de dochter effectief onder de controle van de moeder viel.

3.1.3.6 3.1.3.6.1

Belangen van derden (zonder toewijzing van meer- en minderwaarden) opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
36

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 3.300 5.100 15.000

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.6.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D 3.1.3.6.3 Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 6.600 2.640 3.960 6.000 2.040

Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Belangen van derden (40%) Groepsaandeel 60% Participatie M Consolidatieverschil

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Er werd meer betaald dan de onderliggende (boekhoudkundige) waarde.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
37

3.1.3.6.4

Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) 6.000 600 2.040

6.000 2.640

3.1.3.6.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 2.040 6.000

Conso 2.040 13.600 0 3.000 15.400 34.040

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600

Eliminaties Debet Credit 6.000 600 2.640

Conso 10.000 1.000 500 2.640 4.800 15.100 34.040

3.300 5.100 15.000

8.640

8.640

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven:

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
38

Financile vaste activa: de deelneming van M in D moeten gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs hoger ligt dan de balanswaarde is het een positief consolidatieverschil dat aan de actiefzijde van de balans opgevoerd wordt. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Belangen van derden verschijnt als nieuwe post op het passief van de balans. Bij afwezigheid van herwerkingen voor de consolidatie en van toerekeningen van meer- of minderwaarden aan activa en passiva is de betrokken post gelijk aan het eigen vermogen van de dochter vermenigvuldigd met het aandeelhouderspercentage van de minderheidsaandeelhouders. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het actief duidt aan welke meerprijs t.o.v. het herschat eigen vermogen van de dochter neergeteld werd bij de verwerving. De post belangen van derden vertellen welk deel van het vermogen van de dochter niet tot de groep behoort, alwaar wel alle activa en passiva van de dochteronderneming volledig opgenomen zijn in de geconsolideerde balans.

3.1.3.7

Belangen van derden (met toewijzing van meer- en minderwaarden en preacquisitiewinst, maar zonder toewijzing van de winst van het boekjaar) opgave

3.1.3.7.1

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.000 6.600 1.000 10.400 23.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
39

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/05/X1 De jaarwinst van D werd als volgt opgebouwd: Periode 01/01/X1 t/m 31/05/X1 01/06/X1 t/m 31/12/X1 Jaarwinst D X1 resultaat 100 200 300

Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) De aanschaffingsprijs van de aandelen D hield rekening met een binnen D niet-uitgedrukte meerwaarde op het gebouw onder de materile vaste activa ten bedrage van 2.500. 3.1.3.7.2 Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
40

3.1.3.7.3

Berekening van het consolidatieverschil 6.000 600 100 6.700 2.680 4.020 6.600 2.580 1.500 1.080

Kapitaal (D) Reserves (D) Winst per 31/05/X1 (preacquisitiewinst) Eigen vermogen (D) Belangen van derden (40%) (vr deel toerekening in waardeaanpassingen) Groepsaandeel 60% Participatie M verschil Meerwaarde op gebouw deel M: 2.500 @ 60 % Eerste consolidatieverschil positief

Belangen van derden (40%) (vr deel toerekening in waardeaanpassingen) Meerwaarde op gebouw deel minderheid: 2.500 @ 40 % Belangen van derden bij eerste consolidatie

2.680 1.000 3.680

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Er werd meer betaald dan de onderliggende (boekhoudkundige) waarde, zelfs na correctie van de meerwaarde op het gebouw. Van de meerwaarde gaat 40 % naar de minderheid die rato van haar deelnemingspercentage recht heeft in die meerwaarde. 3.1.3.7.4 Consolidatieboekingen

D Kapitaal (D) Reserves (D) Winst boekjaar (D) MVA (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) 3.1.3.7.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 6.000 600 100 2.500 1.080

6.600 3.680

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. Globaal genomen moeten de eliminaties binnen de balans vanzelfsprekend in evenwicht zijn.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
41

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

5.000 6.600 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

Eliminaties Debet Credit 1.080 2.500 6.600

Conso 1.080 15.500 0 3.000 15.400 34.980

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 600 100 3.680

Conso 10.000 1.000 700 3.680 4.500 15.100 34.980

10.280

10.280

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Financile vaste activa: de deelneming van M in D moeten gelimineerd worden tegenover het aandeel in eigen vermogen van de te consolideren dochter. In plaats van de deelneming verschijnen de activa en passiva van de dochter in de geconsolideerde balans. Op het niveau van elke te consolideren participatie moet de lijn FVA op nul vallen na de eliminatie. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Consolidatieverschillen: deze post brengt de eliminatie van de deelneming tegenover het onderliggend eigen vermogen in evenwicht. Gezien de betaalde prijs hoger ligt dan de balanswaarde is het een positief consolidatieverschil dat aan de actiefzijde van de balans opgevoerd wordt. Het kapitaal van de dochtervennootschap wordt gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post kapitaal moet dus bij correcte eliminatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. De reserves van de dochtervennootschap worden gelimineerd daar dat vermogen aanwezig was bij de moedermaatschappij in haar deelneming. De post reserves moet dus bij correcte eliminatie naar aanleiding van een eerste consolidatie terugvallen op het bedrag van het kapitaal van de moedervennootschap. Dit is n van de belangrijke uit te voeren controles bij het uitwerken van een consolidatie. Belangen van derden verschijnt als nieuwe post op het passief van de balans. Ingevolge de toerekening van meerwaarden aan activa is de betrokken post gelijk aan het herschat eigen vermogen van de dochter inclusief preacquisitiewinst maar exclusief de postacquisitiewinst (die

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
42

hierna behandeld wordt) vermenigvuldigd met het aandeelhouderspercentage van de minderheidsaandeelhouders. (6.000+600+100+2.500)x40%=3.680 Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. Eliminatieboekingen worden doorgevoerd om onder andere dubbeltellingen te vermijden. Het consolidatieverschil op het actief duidt aan welke meerprijs t.o.v. het herschat eigen vermogen van de dochter neergeteld werd bij de verwerving. De post belangen van derden vertellen welk deel van het vermogen van de dochter niet tot de groep behoort, alwaar wel alle activa en passiva van de dochteronderneming volledig opgenomen zijn in de geconsolideerde balans aan hun werkelijke waarde op verwervingsdatum.

3.1.3.8 3.1.3.8.1

Resultaatverdeling opgave

M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 M 10.000 1.000 610 1.390 10.000 23.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
43

Kosten Bedrijfskosten Financile kosten Uitzonderlijke kosten Over te dragen winst

M 750 150 450 610 1.960 M 1.500 390 70 1.960

D 350 50 100 300 800 D 700 100 800

Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

D is een 70 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden) Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen, noch onderlinge aan- en verkopen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. 3.1.3.8.2 Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 70 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
44

3.1.3.8.3

Analyse

Berekening consolidatieverschil Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Belangen van derden (30%) Groepsaandeel 70% Participatie M Consolidatieverschil 6.000 600 6.600 1.980 4.620 6.000 1.380

In dit geval is de waarde volgens de balans de onderliggende deelneming niet exact gelijk aan de aanschaffingswaarde van de deelneming bij de moeder. Er werd meer betaald dan de onderliggende (boekhoudkundige) waarde. Tabel voor overgang resultaatverdeling statutaire winstverdeling naar geconsolideerd resultaat en

Statutair M Toevoeging reserves Vergoeding kapitaal 110 500 610 D 200 100 300 Groep 250 70 320

Geconsolideerd Derden Dividend 60 30 500 90 500

Statutair M Toevoeging reserves Vergoeding kapitaal 110 500 610 D 200 100 300

Geconsolideerd Groep Derden Dividend 110 + (70% 30% x 200 x 200) 70% x 100 30% x 100 500 320 90 500

De uitgangspunten voor de verwerking van het geconsolideerd resultaat zijn: de resultaatverwerking op groepsniveau herneemt de (statutaire) uitkeringen volgens de jaarrekening van de consoliderende vennootschap (moeder) de verdeling van de resultaten van de geconsolideerde ondernemingen in Aandeel van de groep en Aandeel van derden in het resultaat. Bovenstaande staat viseert het overstappen van de statutaire winstverdelingen naar de groepsbehandeling. Alles draait daarbij rond de toevoeging aan de groepsreserves. De term groepsreserves staat voor het geheel van reserves en overgedragen winst op geconsolideerd niveau. Het is niet relevant daar scheiding in soorten reserves en overgedragen winst zoals in de statutaire rekeningen aan te houden.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
45

De bovenstaande staat moet als volgt gelezen worden: Het resultaat dat binnen de moeder statutair aan haar reserves wordt toegevoegd (110), blijft natuurlijk integraal binnen de groep en brengt een aangroei van de groepsreserves teweeg. Het resultaat van de dochters dat aan de reserves wordt toegevoegd (200), blijft voor een 100%-deelneming binnen de groep en resulteert eveneens een aangroei van de groepsreserves. Bij niet-100%-deelnemingen (zoals hierboven) moet de toevoeging aan de reserves gesplitst worden in: toevoeging aan de groepsreserves (deel @ reserves 200 x deelneming moeder 70 %) en toevoeging aan Belangen van derden. De verdeling gebeurt op basis van het belangenpercentage dat de moeder heeft in het kapitaal van de dochter. Er moet dus een onderscheid gemaakt te worden tussen de winst die effectief aan derden wordt uitgekeerd (dividend D 100 @ 30% minderheidsaandeelhouders) en de uit te keren winst die (gezien in de economische entiteit groep) binnen de groep blijft (dividend D 100 @ 70 % gehouden door M). De uit te keren winst van de consoliderende vennootschap (500) zal de groep verlaten als te betalen dividenden. Zij zit niet in de groepsreserves maar in de schulden tegenover derden in een Belgische publicatiebalans. 3.1.3.8.4 Consolidatieboekingen

In de balans Eliminatie deelneming D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) Teowijzing winst boekjaar D aan minderheid D Winst boekjaar (D) @ belangen van derden (D) Winstverdeling consoliderende vennootschap (M) D Winst boekjaar (M) @ dividenden In resultatenrekening Toewijzing aandeel in resultaat D aan de minderheid D Belangen van derden (D) @ Winst boekjaar (D) 90 90 C 500 500 C 90 90 C 6.000 600 1.380 6.000 1.980 C

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
46

3.1.3.8.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten. De eliminaties in de resultatenrekening worden gemaakt in de tabel van kosten en opbrengsten. Daarin zijn de debiteringen toename van de kosten of afname van de opbrengsten. Crediteringen zijn andersom afnamen van kosten of toenamen van opbrengsten. Winst boekjaar wordt daarbij als een echte rekening behandeld die functioneert als een kostenrekening (Verlies boekjaar werkt dan als een opbrengstrekening). Globaal moeten de eliminaties zowel binnen de balans als binnen de resultatenrekening elk op zich in evenwicht te zijn.

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 1.380(1) 6.000(1)

Conso 1.380 13.600 0 3.000 15.400 33.380

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 610 1.390 10.000 23.000

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 600(1) 590(2)(3) 2.070(1)(2) 500(3) 8.570

Conso 10.000 1.000 320 2.070 4.390 15.600 33.380

8.570

M Kosten Aankopen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep 750 150 450 610 1.960

D 350 50 100

Eliminaties Debet Credit

Conso 1.100 200 550 90 820 2.760

90 300 800 90

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
47

M Opbrengsten Verkopen Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst 1.500 390 70 1.960

D 700 100 800

Eliminaties Debet Credit

Conso 2.200 490 70 2.760

90

90

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Belangen van derden verschijnt als post op het passief van de balans. Ingevolge de afwezigheid van toerekening van meer- of minderwaarden aan activa of passiva is de betrokken post gelijk aan het eigen vermogen van de dochter inclusief de winst van het boekjaar (in deze casus is geen preacquisitiewinst!) vermenigvuldigd met het aandeelhouderspercentage van de minderheidsaandeelhouders. (6.000+600+300)x30%=2.070. De post winst boekjaar in de balans geeft aan hoeveel van de groepswinst toegevoegd wordt aan het eigen vermogen door het aandikken van de groepsreserves. De post winst boekjaar in de balans verschilt van de winst uitgewezen door de resultatenrekening. Het verschil is het voorstel van dividenduitkering van de moeder; dit dividendbedrag wordt gevoegd bij de schulden op KT in de balans. Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.7.5.

Inzake de resultatenrekening kan gelezen worden: De moeder realiseerde een omzet van 1.500 en de dochter een omzet van 700, zodat het geconsolideerd geheel een zakencijfer gerealiseerd heeft van 2.200. De financile opbrengsten en de uitzonderlijke kosten van de beide geconsolideerde ondernemingen wordt per lijn samengeteld. Dit is ook het geval voor de kostenzijde. Voor wat de jaarwinst betreft wordt het deel in het resultaat dat toekomt aan de minderheid duidelijk afgezonderd. De lijn winst boekjaar geeft dus enkel het resultaat voor de groep weer. De lijn winst boekjaar in de resultatenrekening komt vr boeking van de verdeling in de balans, overeen met de lijn winst boekjaar in de balans. Dit laatste is evident een uiterts belangrijke aansluiting binnen het geconsolideerd geheel omdat aldus aangetoond wordt dat, vaar wat boekingen met impact op het geconsolideerd resultaat er overeenstemming is in de beide luiken (noodzakelijke controle omdat afzonderlijke boekingen gedaan worden in de balans en in de resultatenrekening) Besloten kan worden dat bij de integrale consolidatie in de geconsolideerde jaarrekening het vermogen en de financile positie van de geconsolideerde ondernemingen opgenomen alsof deze n onderneming vormen. In de resultatenrekening wordt de opbouw van het resultaat verklaard alsof de verkopen en bijhorende elementen door n onderneming gerealiseerd worden. De resultaten van de minderheden worden duidelijk afgezonderd in de resultatenrekening; in de balans gaan zij op in de post belangen van de minderheid. Zodoende is voor analyse beschikbaar het bedrag van het

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
48

geconsolideerde resultaat gerealiseerd door de groep en het eigen vermogen van de groep (exclusief belangen van derden) waarmee dat resultaat gerealiseerd werd.

3.1.3.9 3.1.3.9.1

Eliminaties binnen de balans opgave

M = Moeder D = Dochter

Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T.

M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 8.000 2.000 5.000 15.000 D 6.000 600 3.300 5.100 15.000

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 31/12/X1 Er zijn geen onderlinge transacties tussen M en D (d.w.z. geen onderlinge schulden en vorderingen) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft.

3.1.3.9.2

Groepsorganigram

Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken. M 60 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
49

3.1.3.9.3

Afstemmingstabel actief/passief M Actief Passief 4.000 4.000 4.000 Debet Actief D Passief

Vorderingen L.T. Vorderingen K.T. Schulden L.T. Schulden K.T. Totaal Te elimineren

4.000 Credit

Debet

Credit

Op basis van die tabel wordt de globale eliminatiepost opgesteld. 3.1.3.9.4 Consolidatieboekingen D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) D Schulden KT (D) @ Vorderingen KT (M) 4.000 4.000 6.000 600 2.040 6.000 2.640 C C

3.1.3.9.5

Tabel van herwerkingen en eliminaties

Teneinde de samenvoeging van de diverse (desgevallend herwerkte) statutaire jaarrekeningen te realiseren en de eliminaties overzichtelijk te verwerken wordt een tabel van herwerkingen en eliminaties opgesteld. Daarin worden naast de statutaire gegevens van alle te consolideren ondernemingen de eliminaties in debet/credit weergegeven. Debeteliminaties vertegenwoordigen voor activa een toename (activa zijn debetsaldi) maar voor passiva een afname (passiva zijn creditsaldi). Crediteliminaties vertegenwoordigen dan andersom een vermindering van actiefposten en een toename voor passiefposten.

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 2.040(1) 6.000(1)

Conso 2.040 13.600 0 3.000 11.400 30.040

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

4.000(2)

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
50

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

D 6.000 600 0 3.300 5.100 15.000

Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 600(1) 2.640(1) 4.000(2) 12.640

Conso 10.000 1.000 500 2.640 4.800 11.100 30.040

12.640

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: M heeft 10.400 vorderingen op KT en D heeft er 5.000, samen is dat 15.400 maar daarin zit een vordering van M op D van 4.000 vervat, zodat netto vorderingen op debiteuren buiten de groep overgehouden worden van 11.400. M heeft schulden op KT voor 10.000 en D heeft er voor 5.100, samen is dat 15.100, maar daarin zit een schuld van D aan M van 4.000 vervat, zodat netto schulden aan crediteuren buiten de groep overgehouden worden van 11.100. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punten 3.1.3.1 tot 3.1.3.8 Uit het voorgaande blijkt duidelijk dat het effect van de eliminaties is de dubbeltellingen te schrappen. Dit is van belang voor de juiste beoordelingen van de verhoudingen binnen de balans (denk aan beoordeling vorderingen op totaal actief, schulden binnen totaal passief enz.)

3.1.3.10 Eliminaties binnen de resultatenrekening 3.1.3.10.1 opgave M = Moeder D = Dochter Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar M 750 300 150 150 610 1.960 D 250 100 50 100 300 800

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
51

Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

M 1.300 200 390 70 1.960

D 700 100 800

D is een 100 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1, zodat het volledig jaarresultaat van D toekomt aan de groep en in de consolidatie mag opgenomen worden. Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. Onderlinge transacties in X1 op resultaatniveau: M heeft aan D 200 goederen verkocht D heeft aan M 70 huur betaald M heeft aan D 40 rente betaald op leningen

3.1.3.10.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 100 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
52

3.1.3.10.3 Analysetabel M K Aankopen Diverse goederen en diensten Financile kosten Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Totaal Te elimineren 40 Credit Debet 270 Credit 270 Debet 40 200 70 40 40 O K 200 70 D O

Op basis van die tabel wordt de globale eliminatiepost opgesteld. 3.1.3.10.4 Consolidatieboekingen

D Verkopen (M) Andere bedrijfsopbrengsten (M) Financile opbrengsten (D) @ Aankopen (D) @ Diverse goederen en diensten (D) @ Financile kosten (M) 200 70 40

200 70 40

3.1.3.10.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties

M Kosten Aankopen Diverse goed.en diensten Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst 750 300 150 150 610 1.960

D 250 100 50 100 300 800

Eliminaties Debet Credit 200 70 40

Conso 800 330 160 250 910 2.450

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
53

M Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst 1.300 200 390 70 1.960

D 700 100 800

Eliminaties Debet Credit 200 70 40 310 310

Conso 1.800 130 450 70 2.450

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans te beschrijven: Alle resultaatlijnen worden vooreerst samengevoegd zonder rekening te houden met onderlinge verrichtingen. In de eliminaties worden de groepsverrichtingen uitgeboekt om dubbeltelling te vermijden. De omzet weerspiegelt aldus alle transacties die door de groep met derden buiten de groep afgehandeld werden. Het commentaar voor de andere lijnen kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punten 3.1.3.1 tot 3.1.3.9.

3.1.3.11 Eliminaties binnen balans- en resultatenrekening (vaste activa) 3.1.3.11.1 opgave M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 M 10.000 1.000 610 1.390 10.000 23.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
54

Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar

M 750 300 50 150 210 500 1.960 M 1.300 200 90 370 1.960

D 250 100 100 50 300 800 D 700 100 800

Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. M heeft een machine verkocht aan D voor 400. Het resultaat op de intragroepsverkoop wordt volledig toegewezen aan het groepsvermogen 3.1.3.11.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
55

3.1.3.11.3 Analyse Gegevens M Boekwaarde in M bij verkoop Aanschaffingswaarde Afschrijvingen (4 jaar lineair afgeschreven @ 20%) Boekwaarde op verkoopdatum Resultaat op verkoop in M Verkoopprijs Boekwaarde Winst op verkoop (in uitzonderlijke opbrengsten) Gegevens D Aanschaffingswaarde Afschrijvingen (lineair afgeschreven @ 20%) Gegevens Groep Afschrijving boekjaar indien M niet verkocht had Afschrijving boekjaar binnen D Minder afschrijvingen door intragroepsverkoop Winst door intragroepsverkoop 500 -400 100

400 100 300

400 80

100 80 20 300

3.1.3.11.4 Consolidatieboekingen In de balans Eliminatie deelneming D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) Toewijzing winst boekjaar D aan minderheid D Winst boekjaar (D) @ belangen van derden (D) Eliminatie winst door intragroepsverkoop van de machine D Winst boekjaar (M) @ Machines (M) 300 300 C 120 120 C 6.000 600 2.040 6.000 2.640 C

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
56

Opvoeren afschrijvingen boekjaar D Winst boekjaar (D) @ Machines (D) In resultatenrekening Toewijzing aandeel in resultaat D aan de minderheid D Belangen van derden (D) @ Winst boekjaar (D) Eliminatie winst door intragroepsverkoop van de machine D Uitzonderlijke opbrengsten (M) @ Winst boekjaar (M) Opvoeren afschrijvingen boekjaar D Afschrijvingen (D) @ Winst boekjaar (D) 20 20 C 300 300 C 120 120 C 20 20 C

3.1.3.11.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties

M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000

8.000 2.000 5.000 15.000

Eliminaties Debet Credit 2.040(1) 320(2)(3) 6.000(1)

Conso 2.040 13.280 0 3.000 15.400 33.720

M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

Eliminaties Debet Credit 6.000 6.000(1) 600 600(1) 300 440(2)(3)(4) 2.760(1)(2) 3.000 5.100 15.000 9.080 9.080

Conso 10.000 1.000 360 2.760 4.500 15.100 33.720

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
57

M Kosten Aankopen Diverse goed.en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep 750 300 50 150 210 500 1.960 M Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst 1.300 200 90 370 1.960

D 250 100 100 50

Eliminaties Debet Credit

Conso 1.000 400 170 200 210 120 360 2.460 Conso 2.000 200 190 70 2.460

20(3)

120(1) 300 800 D 700 100 800 300(2) 440 440 440(1)(2)(3)

Eliminaties Debet Credit

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans en resultatenrekening te beschrijven: De meerwaarde van 300 is geboekt bij de moeder (onder de uitzonderlijke opbrengsten). De moeder M is 100% groep. De meerwaarde moet dus voor 100% gelimineerd worden ten laste van het groepsvermogen in de balans (lijn winst boekjaar) D schrijft 20 minder af dan het geval zou geweest zijn wanneer M de machine had behouden (en dus niet verkocht aan D). In de geconsolideerde rekeningen moet dus 20 bijkomende afschrijvingskost genoteerd worden. Gezien D de machine gebruikt moeten de bijkomende afschrijvingen genoteerd worden ten laste van D. Ingevolge de opgegeven (eenvoudige) groepsregels wordt de 20 ten laste gebracht van het groepsresultaat (zie ook noot hieronder) De geconsolideerde groepswinst wordt bereikt door (i) eerst de winsten van de consoliderende ondernemingen bijeen te voegen (500+300), (ii) daarna het deel van de winst van de ondernemingen met minderheidsparticipaties aan de derden toe te wijzen (120) en (iii) daarna de intragroepswinst van de verkoop van de machine te elimineren volledig ten laste van de groepswinst (300) en (iv) tenslotte de afschrijvingen te corrigeren (20) om ze te brengen op het peil dat zou gehaald zijn mocht er geen verkoop plaatsgevonden hebben. Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.10.5.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
58

3.1.3.11.6 Gevolgen van de eliminatie van intragroepsresultaten voor de belangen van derden De intragroepsresultaten kunnen op verschillende wijzen worden gelimineerd: i. 100% met verdeling van het gelimineerd resultaat over de groepsbelangen en de belangen van derden; ii. eliminatie van het intragroepsresultaat a rato van het belangenpercentage van de consoliderende onderneming; iii. 100% met volledige toerekening van het gelimineerd resultaat aan de groepsbelangen. Toegepast op volgend voorbeeld geeft dit een aantal cijfermatige oplossingen. M bezit 60% van D. Bij de verkoop van D naar M (dus de omgekeerde richting van de bovenstaande casus!) van een machine wordt een intragroepswinst gerealiseerd van 200. Mogelijke elminatiebehandeling is als volgt: i. Elimineren winst 200 via groep voor 120 (60 % deelname) en via belangen van derden voor 80 (40 % minderheid) ii. Elimineren van 60 % van de winst, hetzij 60% x 200 = 120 ten laste van de groepswinst. Het resterend saldo van 80 wordt aanzien als gerealiseerd met de minderheid. iii. Elimineren van de volledige winst van 200 via de groepswinst. Deze erg uiteenlopende zienswijzen zijn het gevolg van de verschillende bestaande theorien die elk op zich trachten rekening te houden met het publiek waarvoor de geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt (zie de bespreking van de theorien bij de bespreking van het concept ondernemingsentiteit). i. entititeitsconcept (entity concept)

Dit is een economische benadering. De geconsolideerde jaarrekening wordt beschouwd als de jaarrekening van een economische entiteit met twee categorien aandeelhouders: de meerderheidsaandeelhouders enerzijds en de minderheidsaandeelhouders anderzijds. Alle aandeelhouders worden daarbij op gelijke voet behandeld. In toepassing daarvan worden de intragroepsresultaten worden voor 100% gelimineerd. Wanneer de gelimineerde resultaten gerealiseerd zijn door de moeder, volgt 100% toerekening aan de groepswinst Wanneer de gelimineerde resultaten gerealiseerd zijn door een dochter wordt de toerekening gedaan rato van het belangenpercentage aan de groepswinst en percentage van de minderheidsbelangen aan de belangen van derden. ii. Concept van de dominerende onderneming (parent company-concept)

Deze methode vormt een financile benadering. De geconsolideerde jaarrekening heeft voornamelijk als doel informatie te verschaffen aan de aandeelhouders van de consoliderende moederonderneming over de boekhoudkundige waarde van hun aandelen, zoals deze voortvloeit enerzijds rechtstreeks uit de werking van je moederonderneming en anderzijds onrechtstreeks via de werking van haar dochterondernemingen. De moederonderneming deelt het bezit van een dochteronderneming met haar minderheidsaandeelhouders. Deze laatsten worden voor de consolidatie als derden beschouwd. In tegenstelling met de vorige methode die gelijke behandeling van alle aandeelhouders als uitgangspunt had, worden hier de groepsbelangen en belangen van derden verschillend behandeld.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
59

De intragroepsresultaten worden slechts gelimineerd rato van het belangenpercentage van de consoliderende onderneming. Het restant wordt beschouwd als gerealiseerd met derden, ten gevolge van een normale (d.w.z. niet-intragroeps)verrichting. iii. Volledige eliminatie ten laste van het groepsresultaat

Een volledige eliminatie van de gerealiseerde intragroepswinst, maar dan volledig ten laste van het groepsbelangen is een laatste mogelijkheid een mogelijkheid. Deze methode gaat eigenlijk uit van de juridische toestand. De derden hebben recht op hun procent van het eigen vermogen van de dochtermaatschappij waarin zij aandeelhouder zijn. Hoe en met wie de in de statutaire jaarrekening van de dochter gerapporteerde transacties gerealiseerd werden heeft geen effect op hun rechten. In die redenering gaat het niet op hen een deel van het resultaat van een juridisch tussen de onafhankelijke vennootschappen gerealiseerd resultaat aan de derden te ontnemen resp. hen ten laste te leggen. In geval van te verwaarlozen belangen van derden wordt deze methode evenwel om praktische redenen behoorlijk veel aangewend. Het vorige toegepast op de bovenstaande casus impliceert dat naargelang de gehanteerde visie, in elk geval de intragroepswinst van 300 gelimineerd wordt daar zij door de moeder gerealiseerd is (en daar dus geen probleem van deling over meerderheid/minderheid geldt) dat m.b.t. de 20 bijkomend te boeken afschrijvingen die spelen in hoofde van D: 20 bijkomende afschrijvingen geboekt worden, waarvan 16 ten laste van de groepswinst en 4 ten laste van het deel van de belangen van derden; Slechts 60% van 20 zou geboekt worden, voor het overige wordt het afschrijvingsritme binnen D gehandhaafd; 20 bijkomende afschrijvingen geboekt worden volledig ten laste van het groepsresultaat (zoals uitgewerkt supra)

3.1.3.12 Eliminaties binnen balans- en resultatenrekening (voorraden) 3.1.3.12.1 opgave M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
60

Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 M 750 300 50 150 210 500 1.960 M 1.300 200 90 370 1.960

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 250 100 100 50 300 800 D 700 100 800

Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar

Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. M heeft goederen verkocht aan D voor 200, waarvan per einde jaar 160 nog in voorraad is. Het resultaat op de intragroepsvoorraad wordt volledig toegewezen aan het groepsvermogen

3.1.3.12.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
61

M 60 % D

3.1.3.12.3 Analyse Gegevens M Verkoop @ D Kostprijs bij M v/d partij verkocht @ D (60% VP) Interne winst op verkoop goederen aan D (40% VP) In consolidatie te elimineren onderlinge verrichting interne verkoop Gegevens D Aanschaffingswaarde Verkocht gedeelte (@ aanschaffingswaarde) Nog in voorraad bij D van de aankoop bij M Daarin begrepen winst genomen door M (40% AP bij D) Waarde van de voorraad op groepsniveau In consolidatie te elimineren onderlinge verrichtingen Winst in voorraden D

200 120 80

200

200 -40 160 -64 96

64

3.1.3.12.4 Consolidatieboekingen In de balans Eliminatie deelneming D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) Toewijzing winst boekjaar D aan minderheid D Winst boekjaar @ belangen van derden 120 120 C 6.000 600 2.040 6.000 2.640 C

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
62

Eliminatie winst door intragroepsverkoop van goederen nog vervat in eindvoorraad D Winst boekjaar (M) 64 @ Voorraden (D) In resultatenrekening Toewijzing aandeel in resultaat D aan de minderheid D Belangen van derden (D) @ Winst boekjaar (D) Eliminatie intragroepsverkoop goederen D Verkopen (M) @ 200 Aankopen (D) 120

C 64

C 120

C 200

Correctie kostprijs goederen ingevolge aanpassen voorraadwaarde intragroepsaankopen D Aankopen (D) 64 @ Winst boekjaar (M)

C 64

3.1.3.12.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T. D Eliminaties Debet Credit 2.040(1) 6.000(1) 64(2) Conso 2.040 13.600 0 2.936 15.400 33.976 Conso 10.000 1.000 616 2.760 4.500 15.100 33.976

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 M

8.000 2.000 5.000 15.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000

Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000

Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 600(1) 184(2)(3) 2.760(1)(2)

8.824

8.824

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
63

M Kosten Aankopen Diverse goed.en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep 750 300 50 150 210 500 1.960 M Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst 1.300 200 90 370 1.960

D 250 100 100 50

Eliminaties Debet Credit 64(3) 200(2)

Conso 864 400 150 200 210 120 616 2.560 Conso 1.800 200 190 370 2.560

120(1) 300 800 D 700 100 800 384 384 184(1)(3)

Eliminaties Debet Credit 200(2)

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans en resultatenrekening te beschrijven: De voorraden zijn op groepsniveau voor 64 te hoog gewaardeerd. De voorraden van D moeten derhalve met hetzelfde bedrag verminderd worden. In de geconsolideerde resultatenrekening is via het credit van de rekening voorraadwijzigingen 64 teveel uit de kosten van de goederen genomen. Daarom moet de kostprijs van de goederen met 64 gedebiteerd worden. De eliminatie wordt volledig ten laste gelegd van het groepsresultaat. Evenwel zou daarvan bij ander groepsregels kunnen afgeweken worden (cf. uiteenzetting onder punt 3.1.3.11.6 supra). Zo zou 40% van de eliminatie (d.w.z. 64 x 40%) ten laste kunne gelegd worden van de minderheid of zou de eliminatie kunnen beperkt worden tot 60 % van 64. Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.11.5.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
64

3.1.3.13 Eliminaties intragroepsdividenden over vorig jaar 3.1.3.13.1 opgave M = Moeder D = Dochter

Passiva 31/12/X1 Reserves Winst boekjaar X1

M 1.000 500

D 200 300

Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar M 750 300 50 150 210 500 1.960 M 1.350 240 370 1.960 D D

250 100 100 50 300 800

Opbrengsten Verkopen Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

700 100 800

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D was reeds in bezit op 01/01/X0 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden en de winst van X0 ook volledig in de consolidatie van X0 kon opgenomen worden) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. D heeft in X1 via haar winstverdeling over boekjaar X0 een dividend uitgekeerd van 400

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
65

3.1.3.13.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D 3.1.3.13.3 Analyse Gegevens D boekjaar X0 Dividenduitkering uit winst boekjaar X0 op AV in X1 Deel minderheid 40 % Deel uitgekeerd aan M in X1 Geconsolideerde jaarrekening X0 De geconsolideerde resultaten over X0 omvatten de winst van D in X0 Uitkering vanuit D naar M in X1 heeft effect op statutaire rekeningen maar niet op de groep Gegevens M boekjaar X1 Geboekt ontvangen dividend van D uit boekjaar X0 Dividend uit D geboekt bij M in X1 is geen winst boekjaar X1 daar reeds opgenomen in groepswinst X0 Geconsolideerde resultatenrekening Te elimineren dividenden bij M Geconsolideerde balans Elimineren uit winst boekjaar/voegen bij reserves vorig jaar

400 160 240

240

240 240

3.1.3.13.4 Consolidatieboekingen In de balans Wegnemen ontvangen dividend aan de winst boekjaar om het toe te voegen aan de reserves en deze te herstellen op het peil van vorig jaar D C Winst boekjaar (M) 240 @ reserves 240

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
66

In resultatenrekening Eliminatie intragroepsdividend D Financile opbrengsten (M) @ Winst boekjaar (M) 240 240 C

N.B. ter behoud van het overzicht is de toerekening van het aandeel van de winst van het boekjaar aan de minderheidsbelangen hier niet opgenomen. 3.1.3.13.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties M Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 1.000 500 200 300 D Eliminaties Debet Credit 240 240 Conso

1.440 560

M Kosten Aankopen Diverse goed.en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst 750 300 50 150 210 500 1.960

D 250 100 100 50 300 800

Eliminaties Debet Credit

Conso 1000 400 150 200 210 560 2.520

240

M Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Uitzonderlijke opbrengst 1.350 240 370 1.960

D 700 100 800

Eliminaties Debet Credit 240 240 240

Conso 2.050 100 370 2.520

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans en resultatenrekening te beschrijven:

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
67

M is de genieter van het dividend waarvan D de uitbetaler is. D is evenwel geen 100% dochter. De winst van D in X0 werd opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening over X0 en in de reserves per 31/12/X0 (natuurlijk rekening houdend met het belangenpercentage) rato van 240. Het dividend in het totaal van 400 dat door D uitgekeerd is in X1 uit haar winst over X0, bevindt zich niet meer in het eigen vermogen van D op 31/12/X1. Immers langs de boeking van de winstverdeling en de betaling heeft het bedrag van het dividend D verlaten in X1. De bedoelde uitkering heeft in X1 geen invloed op de resultatenrekening van D over X1. De bedoelde winstuitkering is bij M in X1 geboekt voor haar deel (60%) als financile opbrengst (240). Door de samenvoeging van de rekeningen voor de consolidatie in X1 is er op het eerste gezicht geen probleem: in de balans komt het dividend rato van 240 slechts nmaal voor. Zoals gezegd het zit niet meer het eigen vermogen van D maar bevindt zicht enkel in het eigen vermogen van M (via de jaarwinst). In het geconsolideerd resultaat zou het bedrag van 240 niet mogen spelen. Het maakte immers al deel uit van de winst van vorig jaar (X0) en is daardoor reeds toegevoegd aan de groepsreserves. Toch zit het bedrag in de samengevoegde cijfers, omdat het bedrag vervat zit in de financile opbrengsten van M. Om een getrouw beeld te geven van het jaarresultaat moet het uit de resultatenrekening gelimineerd worden. Wat betreft de minderheidsbelangen aangaat is er geen probleem: hetgeen waarop zij recht hadden (40 % van 400) is uit het eigen vermogen van D weg en het is hen ook uitbetaald. Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.12.5.

3.1.3.14 Afschrijving op positieve eerste consolidatieverschillen 3.1.3.14.1 opgave M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X1 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 Passiva 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T. M 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 8.000 2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
68

Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar

M 750 300 50 150 210 500 1.960 M 1.300 200 90 370 1.960

D 250 100 100 50 300 800 D 700 100 800

Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

D is een 60 % dochteronderneming van M Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. Positieve consolidatieverschillen af te schrijven over 5 jaar lineair 3.1.3.14.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
69

3.1.3.14.3 Analyse Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Belangen van derden (40%) Groepsaandeel 60% Participatie M Consolidatieverschil Afschrijving consolidatieverschil (20 %) 6.000 600 6.600 2.640 3.960 6.000 2.040 408

3.1.3.14.4 Consolidatieboekingen In de balans Eliminatie deelneming D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) Afschrijving positief consolidatieverschil D Winst boekjaar (M) @ consolidatieverschil (actief) Toewijzing winst boekjaar D aan minderheid D Winst boekjaar (D) @ belangen van derden (D) 120 120 C 408 408 C 6.000 600 2.040 6.000 2.640 C

In resultatenrekening Afschrijving positief consolidatieverschil D Afschrijving consolidatieverschil (M) @ Winst boekjaar (M) 408 408 C

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
70

Toewijzing aandeel in resultaat D aan de minderheid D Belangen van derden (D) @ Winst boekjaar (D) 120 120 C

3.1.3.14.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties M Activa Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T. D Eliminaties Debet Credit 2.040(1) 408(2) 8.000 6.000(1) 2.000 5.000 15.000 D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 750 300 50 250 100 100 408(1) 150 210 500 1.960 50 120(2) 300 800 528(1)(2) Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 600(1) 528(2)(3) 2.760(1)(3) Conso 1.632 13.600 0 3.000 15.400 33.632 Conso 10.000 1.000 272 2.760 4.500 15.100 33.632 Conso 1.000 400 150 408 200 210 120 272 2.760

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000 M

Passiva Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 M Kosten Aankopen Diverse goed.en diensten Afschrijvingen Afschr. consolidatieverschillen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep

9.168

9.168

Eliminaties Debet Credit

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
71

M Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst 1.300 200 90 370 1.960

D 700 100 800

Eliminaties Debet Credit

Conso 2.000 200 190 370 2.760

528

528

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans en resultatenrekening te beschrijven: De afschrijving van de positieve consolidatiegoodwill benvloedt negatief het groepsresultaat van het boekjaar. Dit betekent dat de verhoogde winstbijdrage na de toetreding van de onderneming waarop de positieve consolidatieverschil drukt of de daardoor mogelijk geworden synergien of andere effecten bij machte moeten zijn om die afschrijving minstens te dekken. Anders is er voor de groep geen positief effect aan de verwerving van de dochter (althans voor de afschrijvingsperiode) Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.13.5.

3.1.3.15 Consolidatie na het eerste verwervingsjaar 3.1.3.15.1 opgave M = Moeder D = Dochter Activa 31/12/X2 MVA FVA Voorraden Activa K.T. M 8.600 6.000 4.000 14.400 33.000 M 10.000 1.500 900 5.600 15.000 33.000 D 6.000 600 800 7.000 5.600 20.000 D 6.000 5.000 9.000 20.000

Passiva 31/12/X2 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Schulden L.T. Schulden K.T.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
72

Kosten X2 Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Winst boekjaar

M 945 230 500 45 10 900 2.630 M 2.000 400 180 50 2.630

D 1.000 100 200 50 800 2.150 D 2.100 50 2.150

Opbrengsten X2 Verkopen Andere bedrijfsopbrengsten Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten

D is een 60 % dochteronderneming van M Deelnemingspercentage sinds verwerving niet gewijzigd. Dochteronderneming D is verworven op 01/01/X1 (zodat het volledige resultaat van jaar X1 in het groepsresultaat over X1 mag opgenomen worden) Er waren geen toewijsbare latente meer- of minderwaarden die de aankooprijs van D mee bepaald hebben wanneer M de participatie in D verworven heeft. Positieve consolidatieverschillen af te schrijven over 5 jaar lineair Het eigen vermogen D op 01/01/X1: kapitaal 6.000 en reserves 600. In X1 werd door D 300 winst gerealiseerd, die volledig onder vorm van dividend uitgekeerd werd in X2. In X1 waren er geen onderlinge transacties. In X2 ook geen onderlinge transacties behoudens de dividenduitkering De herwerkings- en eliminatietabellen van het jaar X0 waren de volgende (zie voor de uitwerking punt 3.1.3.14):

M Activa per 31/12/X1 Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T.

Eliminaties Debet Credit 2.040(1) 408(2) 8.000 6.000(1)

Conso 1.632 13.600 0 3.000 15.400 33.632

5.600 6.000 1.000 10.400 23.000

2.000 5.000 15.000

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
73

M Passiva per 31/12/X1 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.000 500 1.500 10.000 23.000 M Kosten X1 Aankopen Diverse goed.en diensten Afschrijvingen Afschr. consolidatieverschillen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep 750 300 50

D 6.000 600 300 3.000 5.100 15.000 D 250 100 100

Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 600(1) 528(2)(3) 2.760(1)(3)

Conso 10.000 1.000 272 2.760 4.500 15.100 33.632 Conso 1.000 400 150 408 200 210 120 272 2.760 Conso 2.000 200 190 370 2.760

9.168

9.168

Eliminaties Debet Credit

408(1) 150 210 500 1.960 M D 700 100 800 528 528 50 120(2) 300 800 528(1)(2)

Opbrengsten X1 Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst

Eliminaties Debet Credit

1.300 200 90 370 1.960

3.1.3.15.2 Groepsorganigram Het groepsorganigram wordt opgemaakt om de te consolideren vennootschappen vast te stellen door gebruik te maken van het controlepercentage en de gegevens vast te leggen voor de berekening van het belangenpercentage om de consolidatie zelf te kunnen uitwerken.

M 60 % D

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
74

3.1.3.15.3 Analyse Kapitaal (D) Reserves (D) Eigen vermogen (D) Belangen van derden (40%) Groepsaandeel 60% Participatie M Consolidatieverschil Afschrijving consolidatieverschil (20 %) Afschrijving consolidatieverschil (20 %) jaar X2 6.000 600 6.600 2.640 3.960 6.000 2.040 408 408

3.1.3.15.4 Consolidatieboekingen In de balans Eliminatie deelneming D Kapitaal (D) Reserves (D) Consolidatieverschil (actief) @ Financile vaste activa (M) @ Belangen van derden (D) Herhaling afschrijving positief consolidatieverschil uit jaar X1 D Reserves (M) @ 408 Consolidatieverschil (actief) 408 C 6.000 600 2.040 6.000 2.640 C

Opnemen ontvangen dividend D in de reserves vorig jaar D Winst boekjaar (D) @ Reserves (D) Toewijzing winst boekjaar D aan minderheid D Winst boekjaar (D) @ belangen van derden (D) 320 320 C 180 180 C

Afschrijving positief consolidatieverschil voor het boekjaar X2 D Winst boekjaar (M) @ consolidatieverschil (actief) 408 408 C

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
75

In resultatenrekening Afschrijving positief consolidatieverschil D Afschrijving consolidatieverschil (M) @ Winst boekjaar (M) 408 408 C

Toewijzing aandeel in resultaat D aan de minderheid D Belangen van derden (D) @ Winst boekjaar (D) Elimineren dividend D ontvangen in X2 door M D Financile opbrengsten (M) @ Winst boekjaar (M) 3.1.3.15.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties M Activa 31/12/X2 Consolidatieverschil MVA FVA Voorraden Activa K.T. D Debet 8.600 6.000 4.000 14.400 33.000 M Passiva 31/12/X2 Kapitaal Reserves Winst boekjaar X1 Belangen van derden Schulden L.T. Schulden K.T. 10.000 1.500 900 5.600 15.000 33.000 6.000 6.000(1) 5.000 9.000 20.000 D 6.000 600 800 7.000 5.600 20.000 Eliminaties Debet Credit 6.000(1) 1.008(1)(2) 180(3) 908(3)(4)(5) 2.960(1)(3)(4) Eliminaties Credit 2.040(1) 816(2)(5) Conso 1.224 14.600 0 9.000 23.400 48.224 Conso 10.000 1.272 792 2.960 12.600 20.600 48.224 180 180 C 320 320 C

9.956

9.956

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
76

M Kosten Aankopen Diverse goederen en diensten Afschrijvingen Afschrijving consolidatieverschillen Financile kosten Uitzonderlijke kosten Minderheidsbelangen Winst groep 945 230 500

D 1.000 100 200

Eliminaties Debet Credit

Conso 1.945 330 700 408 95 10 320 792 4.600 Conso 4.100 400 50 50 4.600

408(1) 45 10 900 2.630 M 50 320(2) 800 2.150 D 2.100 50 2.150 180(3) 908 908 908(1)(2)(3)

Opbrengsten Verkopen Andere bedrijfsopbrengst Financile opbrengsten Uitzonderlijke opbrengst

Eliminaties Debet Credit

2.000 400 180 50 2.630

Bij de consolidatie worden de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als n geheel beschouwd. Over de diverse rubrieken kunnen volgende beschouwingen gegeven worden om de gevolgen per post van de balans en resultatenrekening te beschrijven: Het betreft de tweede consolidatie. De eliminatie van de deelneming (zie op nul vallen van de lijn FVA) wordt gerealiseerd met dezelfde eliminatiepost als het jaar voordien (zie 3.1.3.14.4). Het eerste consolidatieverschil vr afschrijvingen is ongewijzigd t.o.v. het eerste consolidatiejaar. De afschrijvingen sluiten consistent aan (boekwaarde eerste consolidatieverschil per 31/12/X1 1632 min afschrijving in geconsolideerde resultatenrekening X2 408 geeft de boekwaarde einde X2 in de geconsolideerde balans 1.224) De afschrijving van de positieve consolidatiegoodwill benvloedt opnieuw negatief het groepsresultaat van het boekjaar en dit in dezelfde mate als in X1 (telkens 408) De lijn reserves komt einde X2 op hetzelfde bedrag als per einde X1 de reserves (1000) plus de groepswinst boekjaar X1 (272). De wedersamenstelling van de reserves van het vorig boekjaar is een absolute noodzaak (voor zover de groepssamenstelling niet veranderd is). De belangen van derden ondergaan geen specifieke boekingen voor de dividenduitkering en uitbetaling in X2. De belangen van derden worden evenwel ook met meerdere posten tot stand gebracht. De juistheid van de betrokken post kan globaal als volgt gecontroleerd worden (voor zover er geen wijziging in de groepssamenstelling opgetreden is)

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
77

Controle belangen van derden Kapitaal Reserves Winst boekjaar X2 Eigen vermogen balans D Deel minderheid 40%

6.000 600 800 7.400 2.960

Het commentaar voor de andere lijnen van de balans kan mutadis mutandis afgeleid worden uit de bespreking onder punt 3.1.3.1.5 t/m 3.1.3.14.5.

3.2

Evenredige consolidatie

In geval van evenredig geconsolideerde gemeenschappelijke dochterondernemingen worden de actiefen basisbestanddelen alsook de kosten en opbrengsten van de gemeenschappelijke dochterondernemingen in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen ten belope van de rechten in hun kapitaal die door de consoliderende vennootschap en door haar de in de consolidatie opgenomen dochterondernemingen worden aangehouden. Het gebruik van deze methode is beperkt en mag in principe slechts worden toegepast voor gemeenschappelijke dochterondernemingen (joint ventures). Bedoeld zijn ondernemingen waarvan het bestuur gevoerd wordt door twee of meer groepen, waarbij geen van hen allen een beslissende zeggenschap heeft. Die ondernemingen staan onder gezamenlijke controle. Veelal is die situatie gekenmerkt door de verplichting elk op evenredige wijze terbeschikkingstelling van financile middelen te maken en resultaten ook evenredige te verdelen. De toepassing van de evenredige methode is in grote lijnen gelijk aan de werkwijze voor de integrale consolidatie, maar bij de evenredige of proportionele methode wordt de opname van de deelneming in de geconsolideerde jaarrekening beperkt tot het aandeel dat de groep bezit in het eigen vermogen, de activa en passiva en resultaat van de betrokken aanverwante onderneming. In vergelijking met de integrale consolidatie stellen we vast: Het consolidatieverschil: zelfde berekeningswijze en boekingen als bij de integrale methode, ook wat betreft de verplichting tot voorafgaande toewijzing van meer- en minwaarden die gespeeld hebben in de overnameprijs. De activa en passiva en het resultaat worden maar opgenomen voor het aandeel van de groep in het kapitaal van de in consolidatie op te nemen onderneming. Het aandeel van derden wordt uit de groepsjaarrekening gelimineerd, zodat der geen post belangen van derden voorkomt in de geconsolideerde jaarrekening. De onderlinge verrichtingen worden gelimineerd zoals bij de integrale methode maar de eliminatie is beperkt tot het groepsaandeel in deze verrichtingen. Bij de evenredige consolidatie worden eerst de balansen en resultatenrekeningen samengeteld. Daarna wordt het aandeel van derden uit de groepsrekeningen uitgeboekt. Zodoende blijft van de dochter onder proportionele consolidatie nog enkel het eigen deel over, zodat de eliminaties ook steeds voor het deel van de eigen groep (en niet voor het totale cijfer) doorgevoerd worden. Voor de redeneringen kan alles wat hiervoor bij de integrale methode gesteld is mutadis mutandis toegepast worden op de proportionele consolidatie.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
78

Het geheel is duidelijk toegelicht met een voorbeeld in de ppt-presentaie. Zie dias 147 t/m 159.

3.3 3.3.1

Vermogensmutatiemethode Definitie

De equivalentiemethode bestaat erin de deelneming in de balans op te nemen voor het bedrag dat overeenkomt met het aandeel in het eigen vermogen van de betrokken vennootschap inclusief het resultaat over het boekjaar. Het aandeel in het resultaat van de deelneming waarop de equivalentiemethode wordt toegepast, moet in de resultatenrekening onder een afzonderlijke post aangegeven worden. De term vermogensmutatie wijst erop dat rekening gehouden wordt met de mutaties, de wijzigingen die zich in het eigen vermogen van de onderliggende vennootschap per jaar voordoen. De waarde van de deelneming wordt dus ieder jaar aangepast om rekening te houden met de wijzigingen in het eigen vermogen van de deelneming. De vermogensmutatiemethode is dus eerder een waarderingsmethode dan een consolidatiemethode.

3.3.2

Toepassing

Gezien deze methode veel minder informatie oplevert dan de integrale en evenredige consolidatie mag de methode slechts toegepast worden indien noch de integrale, noch de evenredige consolidatie toepassing kunnen vinden.

3.3.3

Basis voor de berekeningen

Indien een onderneming, waarop de vermogensmutatiemethode wordt toegepast, zelf een geconsolideerde jaarrekening opmaakt, dan wordt de vermogensmutatiemethode toegepast op de gegevens van haar geconsolideerd eigen vermogen. In het andere geval wordt de statutaire jaarrekening gebruikt. De beide gevallen onverminderd het doorvoeren van waardeaanpassingen zoals hierna bepaald.

3.3.4

Consolidatieverschillen

Het verschil tussen de balanswaarde en de aanschaffingswaarde van de deelneming die in de consolidatie opgenomen wordt bij middel van de vermogensmutatiemethode is het eerste consolidatieverschil. Dit consolidatieverschil wordt berekend als het verschil tussen de aanschafwaarde van de deelneming en de daarmee overeenstemmende fractie van het eigen vermogen, gecorrigeerd met de bedragen die toerekenbaar zijn aan identificeerbare actief- of passiefbestanddelen van de betrokken onderneming. Het zijn dus enkel de niet-toerekenbare verschillen die als consolidatieverschillen verwerkt worden en zoals bij de integrale consolidatiemethode positief of negatief kunnen zijn. De afschrijvingen op positieve verschillen na verrnogensmutatie volgt dezelfde methodiek als beschreven bij de integrale consolidatie.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

CLYBOUW
Bedrijfsrevisoren
79

3.3.5

Opname in de resultatenrekening

Hel aandeel van de groep in de resultaten van de deelneming die met toepassing van de vermogensmutatiemethode in de geconsolideerde jaarrekening wordt opgenomen, moet in de geconsolideerde resultatenrekening onder een afzonderlijk rubriek worden getoond.

3.3.6

Eliminatieboekingen

Daar in de vcrmogensmutiemethode geen samenvoeging gebeurt van activa en passiva, noch van kosten en opbrengsten, zijn er geen eliminatieboekingen voor onderlinge vorderingen en schulden, onderlinge kosten en opbrengsten, te formuleren. Indien evenwel in de boekwaarde van een actief resultaten vervat zijn van verrichtingen tussen in de consolidatie opgenomen ondernemingen en vennootschappen waarop de vermogensmutatiemethode wordt toegepast, dan wordt dit resultaat gelimineerd. In de praktijk is dit alleen mogelijk, voorover de desbetreffende gegevens toegankelijk of bekend zijn. Deze eliminatieboekingen mogen achterwege worden gelaten indien hun impact van te verwaarlozen betekenis is voor het geconsolideerd geheel. Indien een in de consolidatie opgenomen onderneming dividenden heeft ontvangen van een vennootschap waarop de vermogensmutatiemethode wordt toegepast, dan worden deze dividenden steeds uit het resultaat van de geconsolideerde ondernemingen gelimineerd. In het andere geval zou immers een dubbeltelling ontstaan: opname door het ontvangen dividend enerzijds en opname via de vermogensmutatie anderzijds. Een uitgewerkt voorbeeld is gegeven in de ppt-presentatie op de dias 161 t/m 176.

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

INHOUDSOPGAVE

1 2

Inleiding Begrippen
2.1 2.2
2.2.1 2.2.2

1 2
2 2
2 2

Controlebevoegheid Rechtstreekse versus onrechtstreekse controle


De rechtstreekse deelneming De onrechtstreekse deelneming

2.3
2.3.1 2.3.2

Controlepercentage vs. Belangenpercentage


Controlepercentage Belangenpercentage

3
3 5

2.4

Consolidatiekring

Consolidatiemethodes
3.1
3.1.1 3.1.2

8
8
8 9

Integrale consolidatiemethode
Definitie Bespreking van de voornaamste eliminaties

3.1.2.1 Bepaling en boeking van het eerste consolidatieverschil 3.1.2.1.1 Definitie van het begrip eerste consolidatieverschil 3.1.2.1.2 Vaststelling van de waarde van het eigen vermogen 3.1.2.1.3 Datum waarop het consolidatieverschil wordt bepaald 3.1.2.1.4 Vaststelling van de boekwaarde van de deelneming 3.1.2.1.5 Oorzaken van consolidatieverschillen 3.1.2.1.5.1 Oorzaken van positieve consolidatieverschillen 3.1.2.1.5.2 Oorzaken van negatieve consolidatieverschillen 3.1.2.1.5.3 Toerekening van consolidatieverschillen 3.1.2.1.5.4 Voorstelling in de geconsolideerde jaarrekening 3.1.2.2 Belangen van derden 3.1.2.2.1 Definitie 3.1.2.2.2 Voorstelling van de belangen van derden in de geconsolideerde jaarrekening 3.1.2.2.3 Behandeling van herschatting van actief- en passiefcomponenten en het verschil van eerste consolidatie 3.1.2.2.4 Het geconsolideerd resultaat 3.1.2.3 Eliminatie van onderlinge verrichtingen 3.1.2.3.1 Begripsomschrijving 3.1.2.3.2 Eliminaties binnen de balans 3.1.2.3.3 Eliminaties binnen de resultatenrekening 3.1.2.3.4 Eliminaties binnen de balans en de resultatenrekening 3.1.2.3.5 Eliminatie intragroepsdividenden 3.1.2.3.6 Afschrijving op positieve eerste consolidatieverschillen 3.1.2.4 Consolidatie in jaren volgend op het eerste verwervingsjaar
3.1.3 Voorbeelden

9 9 9 10 10 10 11 11 12 12 13 13 13 14 15 15 15 16 17 18 18 18 19
20

3.1.3.1 Geen consolidatieverschil 3.1.3.1.1 opgave 3.1.3.1.2 Groepsorganigram 3.1.3.1.3 Berekening van het consolidatieverschil

20 20 20 21

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

3.1.3.1.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.1.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.2 Positief consolidatieverschil 3.1.3.2.1 opgave 3.1.3.2.2 Groepsorganigram 3.1.3.2.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.2.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.2.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.3 Negatief consolidatieverschil 3.1.3.3.1 opgave 3.1.3.3.2 Groepsorganigram 3.1.3.3.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.3.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.3.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.4 Toewijzen van het consolidatieverschil 3.1.3.4.1 opgave 3.1.3.4.2 Groepsorganigram 3.1.3.4.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.4.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.4.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.5 Preacquisitiewinst 3.1.3.5.1 opgave 3.1.3.5.2 Groepsorganigram 3.1.3.5.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.5.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.5.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.6 Belangen van derden (zonder toewijzing van meer- en minderwaarden) 3.1.3.6.1 opgave 3.1.3.6.2 Groepsorganigram 3.1.3.6.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.6.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.6.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.7 Belangen van derden (met toewijzing van meer- en minderwaarden en preacquisitiewinst, maar zonder toewijzing van de winst van het boekjaar) 3.1.3.7.1 opgave 3.1.3.7.2 Groepsorganigram 3.1.3.7.3 Berekening van het consolidatieverschil 3.1.3.7.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.7.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.8 Resultaatverdeling 3.1.3.8.1 opgave 3.1.3.8.2 Groepsorganigram 3.1.3.8.3 Analyse 3.1.3.8.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.8.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.9 Eliminaties binnen de balans 3.1.3.9.1 opgave 3.1.3.9.2 Groepsorganigram 3.1.3.9.3 Afstemmingstabel actief/passief 3.1.3.9.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.9.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.10 Eliminaties binnen de resultatenrekening 3.1.3.10.1 opgave 3.1.3.10.2 Groepsorganigram

21 21 23 23 23 24 24 24 26 26 26 27 27 27 29 29 29 30 30 30 32 32 33 33 34 34 35 35 36 36 37 37 38 38 39 40 40 40 42 42 43 44 45 46 48 48 48 49 49 49 50 50 51

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011

3.1.3.10.3 Analysetabel 3.1.3.10.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.10.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.11 Eliminaties binnen balans- en resultatenrekening (vaste activa) 3.1.3.11.1 opgave 3.1.3.11.2 Groepsorganigram 3.1.3.11.3 Analyse 3.1.3.11.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.11.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.11.6 Gevolgen van de eliminatie van intragroepsresultaten voor de belangen van derden 3.1.3.12 Eliminaties binnen balans- en resultatenrekening (voorraden) 3.1.3.12.1 opgave 3.1.3.12.2 Groepsorganigram 3.1.3.12.3 Analyse 3.1.3.12.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.12.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.13 Eliminaties intragroepsdividenden over vorig jaar 3.1.3.13.1 opgave 3.1.3.13.2 Groepsorganigram 3.1.3.13.3 Analyse 3.1.3.13.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.13.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.14 Afschrijving op positieve eerste consolidatieverschillen 3.1.3.14.1 opgave 3.1.3.14.2 Groepsorganigram 3.1.3.14.3 Analyse 3.1.3.14.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.14.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.1.3.15 Consolidatie na het eerste verwervingsjaar 3.1.3.15.1 opgave 3.1.3.15.2 Groepsorganigram 3.1.3.15.3 Analyse 3.1.3.15.4 Consolidatieboekingen 3.1.3.15.5 Tabel van herwerkingen en eliminaties 3.2 3.3
3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5 3.3.6

52 52 52 53 53 54 55 55 56 58 59 59 60 61 61 62 64 64 65 65 65 66 67 67 68 69 69 70 71 71 73 74 74 75 77 78
78 78 78 78 79 79

Evenredige consolidatie Vermogensmutatiemethode


Definitie Toepassing Basis voor de berekeningen Consolidatieverschillen Opname in de resultatenrekening Eliminatieboekingen

Financile rapportering De geconsolideerde jaarrekening (deel consolidatiemethoden) 2010/2011